De gemeenteraad nam in zitting van 10 mei 2022 een belastingreglement aan op niet optimaal afgekoppelde woningen langs rioleringsprojecten en dit voor de periode van 2022 tot en met 2025. Dit belastingreglement loopt af op 31 december 2025 waardoor het noodzakelijk is het reglement te vernieuwen.
Sinds 1 juli 2011 is een keuring van de privéwaterafvoer van woningen en gebouwen verplicht. Deze verplichting van keuring van private riolering wordt opgelegd via het Algemeen Waterverkoopreglement. Dit reglement bepaalt de rechten en de plichten van de drinkwaterleverancier, de rioolbeheerder en de klant.
Een optimale afkoppeling op woningniveau is noodzakelijk om in aanmerking te komen voor de maximale subsidies vanwege de Vlaamse Milieumaatschappij (VMM) voor de uitvoering van rioleringswerken. Een gescheiden stelsel, o.a. 2DWA stelsel, werkt pas als een optimale afkoppeling voor elke woning gebeurt, zoniet moet de DWA-leiding overgedimensioneerd worden. Sedert 1 juli 2011 is de keuring verplicht (Besluit Vl.Regering 8 april 2011). Voor projecten, gegund na 1 juli 2011, waarbij een gescheiden riolering in de straat wordt aangelegd betaalt de VMM de subsidies pas uit indien alle woningen langs dat project goedgekeurd zijn. Om maximaal resultaat te behalen, riep het gemeentebestuur in 2015 een belasting in het leven.
Er is een nieuw Algemeen Waterverkoopreglement dat in voege treedt in 2 fasen (1 juli 2019 en 1 januari 2020). Met betrekking tot de keuring van de riolering is er een ministerieel besluit betreffende de keuring van de binneninstallatie en de privéwaterafvoer. Hierin worden een aantal zaken verduidelijkt wat betreft de uitvoering van de keuring van de private riolering.
Naar aanleiding van het nieuw Algemeen Waterverkoopreglement is een nieuw ministerieel besluit keuring in opmaak. Een rioolbeheerder kan ook bijkomende zaken laten keuren indien deze zijn opgenomen in een bijzonder waterverkoopreglement/aanvullende voorwaarden, goedgekeurd door de minister. De rioolbeheerder is verantwoordelijk voor de organisatie en kwaliteitsborging van de keuring privériolering op zijn grondgebied. Hij bepaalt de regels hieromtrent (wie mag deze keuring uitvoeren, wat dient geïnventariseerd te worden, aan welke eisen moet een keurder voldoen).
Bij (her)aanleg van een openbare gescheiden rioleringsstelsel wordt aan aangelanden conform Vlarem-wetgeving, opgelegd de private riolering maximaal af te koppelen, zijnde het hemelwater en huishoudelijk afvalwater te scheiden tot aan de openbare riolering. Dit heeft tot doel het openbare rioleringssysteem en de rioolwaterzuiveringsinstallatie optimaal te laten functioneren.
Bij de start van het ontwerp van rioleringswerken worden aangelanden van deze verplichting in kennis gesteld, waarna de rioolbeheerder en het gemeentebestuur de private afkoppeling begeleiden, middels opmaak van afkoppelingsstudie, opvolging door afkoppelingsmanager.
De subsidiërende overheid VMM, verplicht bovendien dat na uitvoering van de werken ten opzichte van aangelanden die de afkoppeling niet optimaal realiseerden, een proces-verbaal wordt opgemaakt wegens inbreuk op de Vlarem-wetgeving of de opmaak van een belastingkohier wegens niet optimaal afkoppelen, op straffe van verlies van subsidies.
Teneinde optimaal afkoppelingsresultaat van het privaat rioleringsstelsel bij openbare afkoppelingsprojecten te bekomen, is de opmaak van een proces-verbaal en navolgende vervolging door parket en rechtbank, niet het meest efficiënt middel. Aan gemeentebesturen wordt geadviseerd een belastingreglement op te maken betreffende "niet optimaal afkoppelen van private riolering".
Doel van dergelijk reglement is de onbereidwillige aangelande van een afkoppelingsproject, jaarlijks te belasten tot men middels een keuringsattest kan aantonen dat de private afkoppeling conform de afkoppelingsstudie werd uitgevoerd. Om een extra incentive te geven om deze afkoppeling binnen de kortst mogelijk termijn na het verstrijken van de 'normale' uitvoering alsnog te realiseren, wordt de belasting per maand berekend.
De belastingbasis neemt een aanvang 6 maanden na de voorlopige oplevering van de betreffende openbare rioleringswerken of 6 maanden na goedkeuring van betreffend besluit voor aangelanden van die werken waarbij reeds een private afkoppelingsverplichting geldt, teneinde eenieder de mogelijkheid te bieden zich in orde te stellen.
Er blijken enerzijds een aantal private aansluitingen op de openbare riolering zonder aanvraag bij de rioolbeheerder te worden uitgevoerd, en anderzijds een beperkt aantal nieuwbouwwoningen te voldoen aan de reglementering betreffende keuring van de binneninstallatie en privéwaterafvoer. Tevens blijkt er geen enkele controle te bestaan op de uitvoering van de verplichtingen inzake buffer- en infiltratievoorzieningen opgelegd overeenkomstig het hemelwaterdecreet, bij omgevingsvergunningen.
De verplichte regenwaterrecuperatie, -infiltratie en/of -buffering zijn noodzakelijk om waterschaarste en verdroging te bestrijden. De controle en het toezicht erop is aan de gemeente opgedragen.
Om maximaal resultaat te halen en de wetgeving te laten respecteren is het belasten op de niet-maximale-afkoppeling noodzakelijk naar analogie met afkoppelingen van private rioleringen naar aanleiding van openbare afkoppelingsprojecten.
De belastingbasis neemt een aanvang na de domiciliëring of ingebruikname van de vergunde werken, meer bepaald 6 maanden na vaststelling en aanmaning.
De financiële toestand van de gemeente Anzegem rechtvaardigt en vereist de invoering van alle rendabele belastingen zodoende het budgettair evenwicht te kunnen behouden.
Het belastingsreglement van 7 juli 2015 blijft van toepassing tot het jaar waarin alle niet optimaal en reglementair afgekoppelde woningen een keuringsattest voorgelegd hebben. Daarna wordt het reglement - dat enkel nog voor onderstaande projecten van toepassing is - van rechtswege opgeheven.
| dossiernummer |
Gemeente |
projectomschrijving |
subsidiebedrag grootte-orde |
subsidieproblematiek |
| W208196 |
Anzegem |
Oplossen van knelpunten riolering centrum Ingooigem: aanleg van een gescheiden stelsel in de Sint-Antoniusstraat afkoppelen van een gracht thv de Schellebellestraat |
104.000 euro |
Niet alle woningen zijn afgekoppeld |
| W209173 |
Anzegem |
Wegen- en rioleringswerken Doortocht N36 te Ingooigem |
410.000 euro |
Niet alle woningen zijn afgekoppeld |
| W210058 |
Anzegem |
Weg- en rioleringswerken in het kader van de Dorpskernvernieuwing Gijzelbrechtegem |
360.000 euro |
Niet alle woningen zijn afgekoppeld |
De ontvangen belastingen zullen geboekt worden onder:
Beleidsitem: 0020-00 (Fiscale aangelegenheden)
Algemene rekening:7310000 (Aansluiting riolering)
De grondwet, meer specifiek artikel 170§4;
Het Wetboek van inkomstenbelastingen van 10 april 1992 zoals van toepassing inzake provincie- en gemeentebelastingen.
Het Wetboek minnelijke en gedwongen invordering van fiscale en niet-fiscale schuldvorderingen van 13 april 2019.
Het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen, en latere wijzigingen.
De omzendbrief van 15 februari 2019 KB/ABB 2019/2 betreffende de coördinatie van de onderrichtingen over de gemeentefiscaliteit.
De Europese Kaderrichtlijn Water van 22 december 2000 welke tot doel stelt om de watervoorraden, de waterbeheersing en de kwaliteit van de leefomgeving veilig te stellen.
Het decreet van 18 juli 2003 betreffende het integraal waterbeleid.
Het besluit van de Vlaamse Regering van 6 februari 1991 houdende de vaststelling van het Vlaams Reglement betreffende de milieuvergunning (VLAREM I) en latere wijzigingen. Het besluit van de Vlaamse Regering van 1 juni 1995 houdende de algemene en sectorale bepalingen inzake milieuhygiëne (VLAREM II) en latere wijzigingen.
Het subsidiebesluit de dato 1 februari 2002 en de wijzigingen bij besluiten van 29 april 2005 en 10 maart 2006, houdende subsidiëring van gemeentelijke rioleringen, waarbij de nieuwe afkoppelingsregels dienen toegepast op alle aanvragen voor (her)aanleg van gemeentelijke rioleringen.
De Vlarem-wijziging ten gevolge van de implementatie van het besluit van de Vlaamse Regering van 10 maart 2006 houdende vaststelling van de regels voor de scheiding tussen de gemeentelijke en bovengemeentelijke saneringsverplichtingen en de vaststelling van de zoneringsplannen waarbij nieuwe eisen opgelegd worden welke vertaald worden in het begrip ‘optimale afkoppeling’. De term ‘optimale afkoppeling’ betekent dat bij de aanleg of heraanleg van riolering het hemelwater van particuliere woningen langsheen het tracé van de werken optimaal dient afgekoppeld te worden. Dit betekent dat bij open en halfopen bebouwing alle hemelwater gescheiden van het afvalwater dient afgevoerd te worden. Dit betekent dat bij gesloten bebouwing het hemelwater gescheiden van het afvalwater dient afgevoerd te worden, behalve indien hiervoor leidingen door of onder de woning dienen aangelegd te worden.
Het besluit van de Vlaamse Regering van 8 april 2011 houdende bepalingen van rechten en plichten van de exploitanten van een openbaar waterdistributienetwerk en hun klanten met betrekking tot de levering van water bestemd voor menselijke consumptie, de uitvoering van de saneringsverplichting en het Algemeen Waterverkoopreglement, artikel 8, artikel 12, § 1, waardoor een keuring van de privéwaterafvoer verplicht is in volgende gevallen:
Het besluit van de Vlaamse Regering van 28 juni 2011 betreffende de keuring van de binneninstallatie en de privéwaterafvoer.
Het ministerieel besluit van 20 augustus 2012 tot vaststelling van de code van goede praktijk voor het ontwerp en de aanleg van rioleringssystemen.
Gemeenteraadsbesluit van 7 juli 2015 houdende de goedkeurig van het belastingreglement op het niet-optimaal afgekoppeld zijn van woningen gelegen langs rioleringsprojecten gegund na 1 juli 2011;
Gemeenteraadsbesluit van 10 mei 2022 betreffende de eenmalige afwijking belastingbesluit van 7 juli 2015 en vaststelling nieuw belastingbesluit niet optimaal afgekoppeld zijn van woningen langs rioleringsprojecten met ingang van 2022.
Art.1: Het gemeentelijk belastingreglement aangaande woningen die niet-optimaal afgekoppeld zijn langs rioolprojecten wordt vastgesteld als volgt. Enige uitzondering hierop zijn woningen gelegen in één van onderstaande projecten die onderhevig blijven aan het belastingreglement van 7 juli 2015 betreffende het niet-optimaal afgekoppeld zijn van woningen gelegen langs rioleringsprojecten gegund na 1 juli 2011, dit zolang alle niet optimale en reglementair afgekoppelde woningen een conform keuringsattest voorgelegd hebben. Hierna wordt het belastingreglement van 7 juli 2015 van rechtswege opgeheven.
| dossiernummer |
Gemeente |
projectomschrijving |
| W208196 |
Anzegem |
Oplossen van knelpunten riolering centrum Ingooigem: aanleg van een gescheiden stelsel in de Sint-Antoniusstraat afkoppelen van een gracht thv de Schellebellestraat |
| W209173 |
Anzegem |
Wegen- en rioleringswerken Doortocht N36 te Ingooigem |
| W210058 |
Anzegem |
Weg- en rioleringswerken in het kader van de Dorpskernvernieuwing Gijzelbrechtegem |
Art.2: Er wordt voor de aanslagjaren 2026 tot en met 2031 een jaarlijkse gemeentebelasting gevestigd op het niet optimaal afkoppelen van hemelwater op privéterrein n.a.v. de realisatie van een gescheiden rioleringsstelsel in een door de gemeente goedgekeurde afkoppelingsprojecten of het plaatsen van een IBA (individuele behandeling afvalwater), op het illegaal aansluiten op de openbare riolering, en ingeval van niet conforme keuring van de privéwaterafvoer in uitvoering van het besluit van de Vlaamse regering van 8 april 2011 houdende bepalingen van rechten en plichten van de exploitanten van een openbaar waterdistributienetwerk en hun klanten met betrekking tot de levering van water bestemd voor menselijke consumptie, de uitvoering van de saneringsverplichting, de niet-aangesloten binneninstallatie en installaties voor tweedecircuitwater in onroerende goederen die niet aangesloten zijn of worden op het openbaar waterdistributienetwerk, en het algemeen waterverkoopreglement.
Art.3: Onder ‘afkoppelingsproject’ wordt verstaan ‘elk door het college van burgemeester en schepenen of door de gemeenteraad goedgekeurd project met realisatie van een gescheiden afvoer van hemelwater en huishoudelijk afvalwater sinds invoering van de verplichte keuring van de privéwaterafvoer. Met ‘entiteit’ wordt bedoeld: ‘elke woongelegenheid, gebouw, parking,...'.
Art.4: De belasting is verschuldigd door de eigenaar van de entiteit:
§1. waarvan de entiteit gelegen is binnen een afkoppelingsproject dat voorlopig opgeleverd wordt - die uiterlijk 6 maanden na de datum van aanmaning door het gemeentebestuur (die ten vroegste zal gebeuren na de datum van het proces-verbaal van de voorlopige oplevering van de wegenis- en rioleringswerken op het openbaar domein), niet beschikt over een conform keuringsattest van de privéwaterafvoer.
§2. waarvan wordt vastgesteld dat de nieuwe/gewijzigde rioolaansluiting niet werd aangevraagd bij en uitgevoerd in opdracht van de rioolbeheerder en "eigenhandig" (zelf of door een eigen aangestelde aannemer) werd gerealiseerd, en waarvan 6 maanden na aanmaning door het gemeentebestuur/rioolbeheerder de aansluiting niet werd geregulariseerd,
§3. waarvan de rioolbeheerder, noch het gemeentebestuur beschikt -na ingebruikname van de entiteit- over een conform keuringsattest van de privéwaterafvoer, binnen een termijn van 6 maanden na aanmaning door het gemeentebestuur/rioolbeheerder.
De belasting is verschuldigd indien één van de bovenstaande voorwaarden is vervuld.
Art.5: Keuring privéwaterafvoer: De keuring van de privéwaterafvoer dient te gebeuren conform artikel 12/1 Besluit van de Vlaamse Regering van 8 april 2011 houdende bepalingen van rechten en plichten van exploitanten van een openbaar waterdistributienetwerk en hun klanten met betrekking tot de levering van water bestemd voor menselijke consumptie, de uitvoering van de saneringsverplichting, de niet-aangesloten binneninstallatie en installaties voor tweedecircuitwater in onroerende goederen die niet aangesloten zijn of worden op het openbaar waterdistributienetwerk, en het algemeen waterverkoopreglement, het toepasselijke ministerieel besluit en het Bijzonder Waterverkoopreglement van De Watergroep.
Belastingschuldige - belastingplichtige
Art.6: De belasting slaat op de eigendom en is verschuldigd door wie op 1 januari van het aanslagjaar eigenaar, erfpachter, opstalhouder of vruchtgebruiker is van het belastbaar goed.
Ingeval er een recht van opstal, erfpacht of vruchtgebruik bestaat, zijn respectievelijk de opstalgever, de erfpachtgever en naakte eigenaar hoofdelijk aansprakelijk voor de betaling van de belasting.
Indien het belastbaar goed in onverdeeldheid toebehoort aan verschillende personen, wordt de belasting op naam van de onverdeeldheid gevestigd, terwijl de leden hoofdelijk aansprakelijk zijn voor de betaling van de volledige belasting.
Vrijstellingen
Art.7: Volgende belastingplichtigen kunnen worden vrijgesteld van deze belasting:
§1. een nieuwe eigenaar: de nieuwe eigenaar, die op 1 januari minder dan één jaar eigenaar is, wordt vrijgesteld van deze belasting. Deze vrijstelling geldt voor één aanslagjaar volgend op de datum van de notariële akte.
§2. entiteiten volledig gelegen binnen een onteigeningsplan: de eigenaar zoals bedoeld in artikel 6, van entiteiten die op 1 januari van het aanslagjaar binnen de grenzen van een door de bevoegde overheid goedgekeurd onteigeningsplan liggen of waarvoor geen omgevingsvergunning meer wordt afgeleverd omdat een onteigening wordt voorbereid.
Werkwijze
Art.8: Een door de gemeente gemachtigd ambtenaar stelt op aangeven van de rioolbeheerder Riopact jaarlijks per 1 januari vast:
Tarieven
Art.9: De belasting wordt als volgt berekend:
De belasting blijft verschuldigd zolang de eigenaar geen conform keuringsattest bezorgt aan het gemeentebestuur, dan wel de rioolbeheerder (datum poststempel of datum e-mail telt met betrekking tot registratie ontvangst van het conform keuringsattest). De belasting wordt berekend a rato van het aantal maanden dat de belastingplichtige niet in overeenstemming is/was met het verplichte positief keuringsattest.
Wijze van invordering
Art.10: Het kohier wordt opgemaakt en uitvoerbaar verklaard door het College van Burgemeester en Schepenen en dit ten laatste op 30 juni van het jaar volgend op het aanslagjaar.
Betaaltermijn
Art.11: De belasting moet betaald worden binnen twee maanden na verzending van het aanslagbiljet door middel van overschrijving op het vermelde rekeningnummer.
Geschillen en bezwaren
Art.12: De belastingschuldige of zijn vertegenwoordiger kan bezwaar indienen tegen deze belasting bij het College van Burgemeester en Schepenen overeenkomstig de bepalingen voorzien in het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, invordering en geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen, en latere wijzigingen. Het bezwaar moet schriftelijk worden ingediend, ondertekend en gemotiveerd zijn en op straffe van verval worden ingediend binnen een termijn van drie maanden te rekenen vanaf de derde werkdag volgend op de datum van verzending van het aanslagbiljet.
Het aanslagbiljet wordt geacht ontvangen te zijn op de derde werkdag volgend op de datum van de verzending van het aanslagbiljet. Als het aanslagbiljet verzonden werd via elektronische weg, geldt de datum van de elektronische verzending als datum van zijn verzending. Als het bestuur en de belastingplichtige hetzelfde informatiesysteem gebruiken om berichten elektronisch uit te wisselen, wordt het aanslagbiljet geacht ontvangen te zijn op het tijdstip waarop het aanslagbiljet toegankelijk wordt voor de belastingplichtige.
Bezwaarschriften kunnen via duurzame drager (e-mail) worden ingediend binnen de termijnen en onder de voorwaarden vermeld in bovenstaand lid. De contactgegevens voor het op deze wijze indienen van bezwaarschriften zijn gemeentebelastingen@anzegem.be. Als het bezwaarschrift verzonden wordt via elektronische weg, geldt de datum van de elektronische verzending als datum van indiening van het bezwaar.
Van het bezwaarschrift wordt een ontvangstbewijs afgegeven, binnen de 15 dagen na indiening ervan.
Slotbepalingen
Art.13: Dit reglement treedt in werking op 1 januari 2026.
Art.14: De toezichthoudende overheid wordt van de bekendmaking van dit reglement op de hoogte gebracht overeenkomstig artikel 330 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen.
Art.15: Dit reglement wordt bekend gemaakt overeenkomstig artikel 286 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen.