De voorzitter opent de zitting op 07/07/2026 om 19:04.
Naar analogie met vorige jaren wordt door de politiezone Mira het politie- en veiligheidsbeleid van het afgelopen jaar toegelicht en dit aan de hand van een powerpointvoorstelling.
Aan de gemeenteraadsleden werd de kans geboden om voorafgaand tegen 3 juli 2026 vragen te stellen aan de korpschef.
Art.1: kennis te nemen van de toelichting en voorstelling van het politie- en veiligheidsbeleid van het afgelopen jaar door de korpschef en van de antwoorden op de mondelinge vragen die door de raadsleden gesteld werden (zie beschikbare audiozittingsverslag op de website van Anzegem).
Art.1: De notulen- en zittingsverslag van de gemeenteraad van 9 juni 2026 eenparig goed te keuren.
Een raadslid diende 15 april 2026 een klacht in bij Agentschap Binnenlands Bestuur nopens het gemeenteraadsbesluit van 14 april 2026 met volgend onderwerp: Klacht tegen de gemeenteraadsbeslissing van 14 april 2026 - samenstelling raadscommissies Financiën en Algemene zaken, Mens, Ruimte, Deontologische commissie en Tuchtcommissieaanpassing. De gemeenteraad neemt kennis van de beslissing van Agentschap Binnenlands Bestuur. Er zal geen toezichtmaatregel genomen worden.
Decreet Lokaal Bestuur
Raadsbesluit van 14 april 2026 inzake Samenstelling raadscommissies 'Financiën en Algemene Zaken', 'Mens', 'Ruimte', 'Deontologische Commissie' en 'Tuchtcommissie': aanpassing.
Art.1: Kennis te nemen van het antwoord van Agentschap Binnenlands Bestuur inzake een klacht aangaande het gemeenteraadsbesluit van 14 april 2026 houdende de samenstelling van de raadscommissies.
Art.2: Er kennis van te nemen dat er geen toezichtmaatregel genomen zal worden.
Art.3: Agentschap Binnenlands Bestuur deze notule te bezorgen en te verwijzen naar de motivatie van het raadslid.
Politiezone Mira heeft de intentie om een aantal van haar operationele medewerkers uit te rusten met een zogenaamde bodycam.
Een bodycam is een kleine draagbare en zichtbaar gedragen camera die door politieambtenaren op hun lichaam wordt bevestigd en beelden en geluid kan registreren en opslaan tijdens interventies. Het gebruik ervan is wettelijk geregeld sinds de wijziging van de Wet op het politieambt van 25 mei 2018 en dit voor de bestuurlijke en gerechtelijke opdrachten van de politiediensten:
Het inzetten van bodycams kan een belangrijke meerwaarde bieden voor het politiewerk:
Het gebruik van bodycams gebeurt onder strikte voorwaarden om de privacy van burgers en politiemensen te beschermen.
Met deze toelating wil men het politiewerk ondersteunen, de veiligheid verhogen en bijdragen aan meer transparantie, met respect voor de geldende privacyregels.
Het politiecollege van 11 mei 2026 verleende haar goedkeuring om dit dossier verder voor te bereiden.
Aan de gemeenteraad wordt gevraagd om toestemming te verlenen aan de politiezone Mira en andere politiezones en/of de federale politie wanneer zij in bijstand optreden op het grondgebied van politiezone Mira, voor het zichtbaar gebruik van mobiele camera’s, zogenaamde bodycams, op het grondgebied van Anzegem.
De wet van 5 augustus 1992 op het politieambt met latere wijzigingen;
Het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur met latere wijzigingen.
Gelet op de bespreking “gebruik bodycams” in het Politiecollege van de politiezone MIRA van 11 mei 2026;
Art.1: Aan de politiezone MIRA en aan de geïntegreerde politie wanneer zij optreden op het grondgebied van de gemeente Anzegem wordt toestemming verleend tot het zichtbaar gebruik van mobiele camera’s, type bodycam.
Art.2: Een afschrift van deze beslissing over te maken aan: de politiezone MIRA, Kalkhoevestraat 4, 8790 Waregem.
Art.3: De politiezone MIRA staat in voor:
Op 17 november 2025 keurde de gemeenteraad de laatste versie van de algemene politieverordening (APV) goed dewelke inging op 1 januari 2026. Naar aanleiding van de wijzigingen in het strafwetboek dient de APV eveneens aangepast te worden.
De twee wetten van 29 februari 2024 tot invoering van boek I, respectievelijk boek II van het Strafwetboek brachten een grondige herziening van het bestaande Strafwetboek - en bijgevolg eveneens van de inbreuken waarvoor de sanctionerend ambtenaar op grond van artikel 3, 1° en 2° van de wet van 24 juni 2013 betreffende de gemeentelijke administratieve sancties (hierna GAS-wet) bevoegd is - met zich mee. De GAS-wet voorziet de wettelijke mogelijkheid voor de gemeenteraad van een stad of gemeente om straffen of administratieve sancties te bepalen voor de inbreuken op zijn reglementen of verordeningen. Dit kan in beginsel niet voor inbreuken waarvoor ook door of krachtens een wet, decreet of ordonnantie straffen of administratieve sancties zijn bepaald. Artikel 3 van de GAS-wet bepaalt op dit beginsel echter enkele uitzonderingen, waardoor voor de daarin opgenomen misdrijven tegelijk ook een administratieve sanctie kan worden bepaald. Op die manier verkrijgen deze limitatief opgesomde inbreuken een administratief karakter, bovenop (en dus niet in de plaats van) het strafrechtelijke karakter dat zij reeds hadden en is er sprake van een gemengde inbreuk, dewelke wij vandaag kennen als de zogenaamde GAS 2 & 3-inbreuken (voor wat betreft de bepalingen uit het Strafwetboek) en GAS 4-inbreuken (voor wat betreft de bepalingen uit de Wegcode).
De inwerkingtreding van het nieuwe Strafwetboek was initieel voorzien voor 8 april 2026, doch diende noodgedwongen uitgesteld te worden naar 01 september 2026, nadat diverse beroepsgroepen en openbare dienstverleningen hadden aangegeven dat zij de nodige aanpassingen niet tijdig doorgevoerd zouden krijgen en hun werking hierdoor in het gedrang zou komen. Enerzijds is het, gelet op het aantal belanghebbende groepen, alsook hun verspreidheid binnen de samenleving, vooralsnog onmogelijk om een zicht te krijgen op de stand van zaken en bijgevolg om met zekerheid te kunnen stellen dat de nieuw vooropgestelde datum van 1 september 2026 thans wél gehaald zal worden. In theorie behoort een verder uitstel van de inwerkingtredingsdatum dan ook nog steeds tot de mogelijkheden. Anderzijds kan met de behandeling van onderhavige nota niet gewacht worden tot wanneer hieromtrent zekerheid zal bestaan, vermits er ingeval van niet-aanpassing van de APV, in hoofde van de sanctionerend ambtenaar met ingang vanaf 1 september 2026 geen mogelijk meer zal bestaan om gemengde GAS 2 en 3-inbreuken te bestrijden. Teneinde de bestaande gedegen aanpak van openbare overlast te kunnen bestendigen, is het dan ook noodzakelijk om de voorgestelde aanpassingen aan de APV en het protocolakkoord thans reeds aan de gemeenteraad voor te leggen, met verzoek akkoord te gaan met de inwerkingtreding ervan vanaf 1 september 2026, doch vooralsnog onder voorbehoud van het feit dat ook het nieuwe Strafwetboek op diezelfde dag in werking zal treden. Deze werkwijze ligt overigens volkomen in lijn met de door het Parket toegepaste methodiek in haar ontwerp van protocolakkoord en arrondissementele omzendbrief.
Het APV bestaat uit 3 delen:
1. Algemeen gedeelte: dit deel werd afgestemd met de overige MIRA-gemeenten die eveneens GAS toepassen. In verschillende voorafgaande vergaderingen werd een tekst opgemaakt die nu volledig dezelfde is voor wat betreft het algemeen deel voor de gemeenten Avelgem, Waregem en Zwevegem.
Dit maakt het heel wat makkelijker voor de politie, GAS-vaststellers en GAS-ambtenaren om inbreuken te kunnen vaststellen en sanctioneren.
2. Bijzonder gedeelte: Enkel regelgeving waarover geen consensus bekomen werd met de voormelde MIRA-gemeenten in het algemeen gedeelte, is opgenomen in het bijzonder gedeelte. Meestal gaat dit over zaken die een probleem vormen in de ene gemeente, maar dan weer niet in een andere gemeente.
3. Bijlagen: een 7-tal bijlagen zijn opgenomen om het document wat leesbaarder te maken.
Concrete wijzigingen:
ALGEMEEN DEEL (zie ook wijzigingenvariant in bijlage waarin wijzigingen in de kleur rood werden aangebracht, hetzij doorhaalt wat geschrapt wordt of toegevoegd wat nieuw is, met motivatie van de wijziging in de kantlijn alsook de 'propere' gecoördineerde versie in een tweede bijlage):
BIJZONDER DEEL
De inwerkingtreding van de aanpassingen aan deze algemene politieverordening wordt voorzien op 1 september 2026 op voorwaarde dat het nieuwe Strafwetboek op die datum in werking treedt. Indien de inwerkingtreding van het nieuwe Strafwetboek wordt uitgesteld, wordt de inwerkingtreding van deze beslissing uitgesteld tot de datum van effectieve inwerkingtreding van het nieuwe strafwetboek.
Nieuwe gemeentewet (nog niet opgeheven bepalingen)
De wet van 24 juni 2013 betreffende de gemeentelijke administratieve sanctie en latere wijzigingen;
Het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur en latere wijzigingen.
Het gemeenteraadsbesluit van 17 november 2025 met betrekking tot de algemene gemeentelijke politieverordening (APV): goedkeuring opheffing bestaande verordening en goedkeuring nieuw APV met ingang van 1 januari 2026.
Art.1: Goedkeuring te verlenen aan de aangepaste politieverordening 2.2 zoals toegevoegd in bijlage (wijzigingsvariant en gecoördineerde versie).
Art.2: Deze wijzigingen aan de politieverordening treden in werking op 1 september 2026, op voorwaarde dat het nieuwe Strafwetboek op die datum in werking treedt. Indien de inwerkingtreding van het nieuwe Strafwetboek wordt uitgesteld, wordt de inwerkingtreding van deze beslissing uitgesteld tot de datum van effectieve inwerkingtreding van het nieuwe strafwetboek.
Art.3: Het algemeen politiereglement, zoals goedgekeurd door de gemeenteraad van 17 november 2025, wordt opgeheven bij het in voege gaan van deze Algemene Politieverordening Anzegem. Deze opheffing gebeurt met ingang van de inwerkingtreding van deze algemene politieverordening, conform de bepalingen van artikel 287 van het decreet Lokaal Bestuur.
Art.4: Alle overtredingen die geschieden na inwerkingtreding van deze politieverordening worden onderworpen aan de sancties van de huidige politieverordening.
Art.5: Onderhavige politieverordening wordt bekend gemaakt overeenkomstig artikel 286 van het decreet lokaal bestuur.
Art.6: Een afschrift van onderhavige politieverordening wordt toegestuurd aan de bestendige deputatie van de provincieraad, de procureur des Konings, de griffier van de rechtbank van eerste aanleg te Kortrijk, de griffier van de politierechtbank van Kortrijk, aan de sanctionerende ambtenaren, de bemiddelingsambtenaar, de korpschef van de PZ MIRA en aan voorzitter van het politiecollege.
Art.7: Deze beslissing wordt ter beschikking gehouden van de toezichthoudende overheid cf.de regels zoals vervat in het Decreet Lokaal Bestuur.
De gemeenteraad keurde op 14 mei 2024 een protocolakkoord goed dat afgesloten werd met de Procureur des Konings. De burgemeester ontving een schrijven van het Parket West-Vlaanderen dd 28 mei 2026 waarin meegedeeld werd dat naar aanleiding van de inwerkingtreding van het nieuwe strafwetboek (NSW), initieel voorzien op 8 april 2026 en nu voorzien, onder voorbehoud op 1 september 2026, de richtlijnen met betrekking tot de toepassing van GAS in arrondissement West-Vlaanderen werden bijgesteld. De twee wetten van 29 februari 2024 tot invoering van boek I, respectievelijk boek II van het Strafwetboek brachten een grondige herziening van het bestaande Strafwetboek - en bijgevolg eveneens van de inbreuken waarvoor de sanctionerend ambtenaar op grond van artikel 3, 1° en2° van de GAS-wet bevoegd is - met zich mee.
Ten gevolge deze nieuwe richtlijnen opgenomen in de Arrondissementele Omzendbrief 2024/05 (ARROB - versie 26 mei 2026) dient het protocol herzien te worden dat het ambt van de Procureur des Konings kan afsluiten met de gemeentebesturen. Het bestaande protocol wordt dan ook per 1 september 2026 opgezegd en vervangen door het nieuwe weliswaar onder voorbehoud van de inwerkingtreding van het nieuwe Strafwetboek. Hieraan gekoppeld dient ook de Algemene politieverordening aangepast te worden. Deze beide aanpassingen moeten het mogelijk maken aan sanctionerend ambtenaren om (administratief) op te treden bij gemengde inbreuken.
De wet van 24 juni 2013 betreffende de gemeentelijke administratieve sancties (hierna GAS-wet) voorziet de wettelijke mogelijkheid voor de gemeenteraad van een stad of gemeente om straffen of administratieve sancties te bepalen voor de inbreuken op zijn reglementen of verordeningen. Dit kan in beginsel niet voor inbreuken waarvoor ook door of krachtens een wet, decreet of ordonnantie straffen of administratieve sancties zijn bepaald. Artikel 3 van de GAS-wet bepaalt op dit beginsel echter enkele uitzonderingen, waardoor voor de daarin opgenomen misdrijven tegelijk ook een administratieve sanctie kan worden bepaald. Op die manier verkrijgen deze limitatief opgesomde inbreuken een administratief karakter, bovenop (en dus niet in de plaats van) het strafrechtelijke karakter dat zij reeds hadden en is er sprake van een gemengde inbreuk, dewelke wij vandaag kennen als de zogenaamde GAS 2 & 3-inbreuken (voor wat betreft de bepalingen uit het Strafwetboek) en GAS 4-inbreuken (voor wat betreft de bepalingen uit de Wegcode).
De procureur des Konings is verantwoordelijk voor een coherent opsporings- en vervolgingsbeleid binnen zijn arrondissement. De bepalingen van de GAS-wet houden echter een risico in van een gedifferentieerd vervolgingsbeleid inzake de misdrijven die ook onder de GAS-wetgeving vallen. Wanneer iedere stad/gemeente haar autonome bevoegdheid inzake GAS op een verschillende manier zou invullen, zou dit een zeer divers beleid met zich brengen inzake de sanctionering van de gemengde inbreuken binnen het arrondissement. Dit dient, vanuit de wettelijke bevoegdheid van de procureur des Konings, absoluut vermeden te worden. Om die reden stemt de procureur des Konings ook enkel in met de toepassing van GAS in gemeenten/steden die een protocolakkoord met zijn ambt hebben afgesloten met betrekking tot de betrokken gemengde inbreuken. Art.23,§1 van de GAS-wet bepaalt immers dat met betrekking tot bepaalde van deze gemengde inbreuken (GAS2 en GAS3) de gemeente en de bevoegde procureur des Konings een protocolakkoord kunnen afsluiten. Voor GAS 4-inbreuken is dit verplicht. Voor GAS 5-inbreuken is dat dan weer niet nodig en kunnen gemeenten dit autonoom bepalen, zonder protocol met de procureur des Konings. Wanneer geen protocolakkoord werd afgesloten met de procureur des Konings, zal de politiezone de processen-verbaal inzake de gemengde inbreuken GAS 2, GAS 3 en GAS 4 overmaken aan het parket conform de hiervoor geldende richtlijnen, en kan geen kopie of origineel proces-verbaal inzake deze gemengde inbreuken worden overgemaakt aan de sanctionerend ambtenaar.
Op die manier wil het parket West-Vlaanderen duidelijkheid scheppen over de toepassing van GAS met betrekking tot gemengde inbreuken in het arrondissement West Vlaanderen en daarbij een zo groot mogelijke uniformiteit nastreven. Deze werkwijze biedt ook de beste waarborgen voor de rechtsonderhorige naar rechtszekerheid toe.
Het protocolakkoord zal tijdens de eerstkomende zonale veiligheidsraad voorgelegd worden. Het is echter nu al aangewezen is om het protocol vooraf te laten goedkeuren door de gemeenteraad, teneinde niet in een lacune terecht te komen.
Thans wordt het nieuwe Protocolakkoord dat door het Parket aangeleverd werd, overeenkomstig artikel 23, §1, lid 1 van de GAS-wet aan de gemeenteraad ter bekrachtiging voorgelegd. Dit nieuwe Protocolakkoord werd, in toepassing van artikel 23, §1, lid 2 van de GAS-wet, reeds door het College van burgemeester en schepenen goedgekeurd op haar zitting van 18 juni 2026.
De wijzigingen, ten gevolge de inwerkingtreding van het nieuwe strafwetboek situeren zich hoofdzakelijk:
GAS 2:
GAS 3:
Als bijlage bij dit punt kunnen volgende stukken teruggevonden worden:
De wet van 24 juni 2013 betreffende de gemeentelijke administratieve sancties (GAS- wet) en latere wijzigingen;
Artikel 135, § 2 van de Nieuwe Gemeentewet van 24 juni 1988;
Strafwetboek van 29 februari 2024 (NSW);
Koninklijk besluit van 21 december 2013 tot vaststelling van de nadere voorwaarden en het model van het protocolakkoord in uitvoering van artikel 23 van de wet betreffende de gemeentelijke administratieve sancties;
Koninklijk besluit van 9 maart 2014 betreffende de gemeentelijke administratieve sancties voor de overtredingen bedoeld in artikel 3, 3° van de wet van 24 juni 2013 betreffende de gemeentelijke administratieve sancties;
Arrondissementele Omzendbrief 2024/05 van de procureur des Konings van West-Vlaanderen houdende richtlijnen betreffende de toepassing van de Gemeentelijke Administratieve Sancties in het arrondissement West-Vlaanderen,
Het gemeenteraadsbesluit van 13 december 2016 houdende aanstelling van gemeentelijk personeelslid tot vaststeller van inbreuken die aanleiding kunnen geven tot de oplegging van een gemeentelijke administratieve sanctie (incl inbreuken betreffende het stilstaan en parkeren).
Het gemeenteraadsbesluit van 14 mei 2024 betreffende de gemeentelijke administratieve sancties voor gemengde inbreuken: goedkeuring opheffing raadsbesluit van 13 december 2016 en goedkeuren nieuw protocol.
Het gemeenteraadsbesluit van 17 november 2025 tot goedkeuring van de opheffing bestaand APV en goedkeuring nieuw APV met ingang van 1 januari 2026.
Het gemeenteraadsbesluit van 14 april 2026 tot goedkeuring van de aanpassing van de bijzondere politieverordening betreffende de gemeentelijke administratieve sancties voor de overtredingen bedoeld in artikel 3, 3° van de wet van 24 juni 2013 betreffende de gemeentelijke administratieve sancties;
Collegebesluit van 18 juni 2026 inzake Gemeentelijke administratieve sancties - Aanpassing van het protocolakkoord voor gemengde inbreuken - Aligneren van de lokale regelgeving aan de toepasselijke bepalingen uit het nieuwe Strafwetboek - Goedkeuren
Art.1: de gemeenteraadsbeslissing van 14 mei 2024 houdende goedkeuring protocolakkoord betreffende de gemeentelijke administratieve sancties in geval van gemengde inbreuken wordt opgeheven m.i.v. 1 september 2026.
Art.2: Het Protocolakkoord betreffende de gemeentelijke administratieve sancties in geval van gemengde inbreuken, zoals vastgesteld door het College van burgemeester en schepenen op de zitting van 18 juni 2026 en zoals opgenomen in bijlage bij onderhavige nota, te bekrachtigen, weliswaar met dien verstande dat de effectieve inwerkingtreding van dit Protocolakkoord op heden voorzien op 1 september 2026 rechtstreeks afhankelijk gesteld is van de inwerkingtreding van het nieuwe Strafwetboek.
Art.3: Kennis te geven van dit besluit aan de toezichthoudende overheid volgens de regels vervat in het decreet Lokaal Bestuur.
Het bestuur beschikt over diverse dienstvoertuigen en ander rollend materiaal, die tijdens de diensturen ter beschikking staan van het personeel om hun dienstopdracht uit te voeren.
Het bestuur wenst de eigen voertuigen te voorzien van een geolokalisatiesysteem.
Een geolokalisatiesysteem is een trajectnavigatiesysteem dat de locatie en het traject van een voertuig in real-time registreert, aan de hand van een fleetlogger en gebaseerd op gps-technologie. Een fleetlogger is een elektronisch boordlogboek dat bestaat uit een carbox die een gps-module bevat.
Als een dergelijke carbox in een voertuig wordt gemonteerd, kunnen via de gps-module de locatie en het traject van het voertuig geregistreerd worden en doorgestuurd worden naar een centrale databank. Een gebruiker die over de nodige toegangsrechten beschikt, kan deze gegevens consulteren.
Het systeem beoogt volgende doelen:
Een tekst werd uitgewerkt ter toevoeging als bijlage aan het arbeidsreglement.
Besproken in het MAT van 24 juni 2026 en het vakbondsoverleg van 25 juni 2026.
Decreet lokaal bestuur
Wet van instelling van de arbeidsreglementen van 8 april 1965 en latere wijzigingen
Arbeidswet van 16 maart 1971 en latere wijzigingen
Wet van 19 december 1974 tot regeling van de betrekkingen tussen de overheid en de vakbonden van haar personeel en de bijhorende uitvoeringsbesluiten
Wet van 3 juli 1978 betreffende de arbeidsovereenkomsten en latere wijzigingen
Programmawet van 22 december 1989
Wet van 4 augustus 1996 betreffende het welzijn van de werknemers bij de uitvoering van hun werk en latere wijzigingen
Raadsbesluit van 14 oktober 2025 inzake Aanpassingen arbeidsreglement en bijlage 31 fietspolicy: goedkeuring.
Art.1: Bijlage 33 inzake geolokalisatiesysteem toe te voegen als bijlage aan het arbeidsreglement. Deze gaat per direct in.
Art.2: Deze beslissing wordt ter beschikking gehouden van de toezichthoudende overheid, conform de bepalingen vervat in het decreet lokaal bestuur.
Art.3: Een gecoördineerd document wordt overgemaakt aan de Sociale Inspectie voor verder gevolg en via het intranet Marta ter beschikking gesteld van de medewerkers.
Vanaf 1 januari 2026 geldt de verplichting om het GF(t)/keukenafval uit het restafval te houden. GF(t)/keukenafval kan als volgt verwerkt worden: via thuiscompostering, als voeder voor dieren zoals kippen, varkens,... of via de inzameling huis-aan-huis met een GF(t)/keukenafvalemmer (25 liter) met abonnementsformule (€ 45/jaar).
De ophaling van de GF(t)/keukenafvalemmer gebeurt wekelijks tijdens de zomerperiode en tweewekelijks tijdens de winterperiode.
Er werd gekozen voor een GF(t)/keukenafvalemmer met een inhoud van 25 liter om volgende redenen:
Het systeem met de tuinafvalbakken van IMOG loopt goed, indien de GF(t)/keukenafvalemmer groter dan 25 liter zou zijn, dan zou er meer tuinafval verdwijnen in de GF(t)/keukenafvalemmer. GF(t) heeft een duurdere verwerkingsprijs (vergisten vs. groencompostering). Bij een gezamenlijke verwerking van GF(t)/keukenafval en tuinafval is er een duurdere verwerkingsprijs.
Waarom de mogelijkheid bieden om een tweede GF(t)/keukenafvalemmer te beschikking te stellen aan een lager tarief:
Dit probleem stelt zich vooral:
met ingang vanaf 1 oktober 2026 de mogelijkheid bieden een tweede recipiënt aan te schaffen tegen voorgestelde voorwaarden:
| Frequentie inzameling | 1e GF(t)/keukenafvalemmer | vanaf 2e GF(t)/keukenafvalemmer |
| winter-zomer regime | € 45/jaar | € 25/jaar |
Beslissing van de gemeenteraad van 10 oktober 2023 inzake IMOG-implementatieplan voor de uitrol van het Lokaal Materialenplan UHAGBA 2023-2030: goedkeuring
Beslissing van de gemeenteraad van 8 juli 2025 inzake Retributie huishoudelijk afval en vergelijkbaar bedrijfsafval: inzameling en verwijdering van restafval via de huis-aan-huisinzameling en intergemeentelijke recyclageparken - algemeen gemeentelijk retributiereglement: goedkeuring wijziging.
Art.1: goedkeuring te verlenen tot het aanpassen van punt 12 Milieu en afval - GF(t) keukenafval van huishoudens van het gecoördineerd gemeentelijk retributiereglement als volgt (toevoeging in vet):
De GF(t)keukenafvalemmers van 25 liter voor gezinnen worden gratis geleverd na het ondertekenen van een jaarovereenkomst voor de huis-aan-huis ophaling. Pas na de betaling van de rekening van retributie start de ophaling.
De inning voor de GF(t)keukenafvalemmer (25 liter) gebeurt door het maken van een rekening per jaar voor de aanvang van het gebruik van de emmer van 1,25 euro per ophaalbeurt ongeacht het aantal aanbiedingen.
5 maanden wekelijkse ophaling en 7 maanden tweewekelijkse ophaling
voor 36 ophaalbeurten: 1,25 euro x 36 = 45 euro/jaar
Met ingang vanaf 01/10/2026 kan een 2de (of meerdere) GF(t)/keukenafvalemmer(s) worden besteld aan 25 euro/jaar voor 36 ophaalbeurten.
Art.2: Deze beslissing bekend te maken op de gemeentelijke website.
De gemeenteraad stelde op 10 februari 2026 het aangepaste protocol vast voor de elektronische mededeling van persoonsgegevens van lokaal bestuur Anzegem naar de intergemeentelijke vereniging IMOG, dit in functie van het lokaal materialenplan en de nieuwe afvalophaling sedert 1 januari 2026.
Het initiële protocol werd op 3 juni 2025 aangeleverd door Imog maar uit nader onderzoek en na overleg tussen verschillende lokale besturen, werd vastgesteld dat het protocol een aantal bepalingen bevatte die in de praktijk niet toegepast konden worden en/of anders moesten verlopen, nl.:
Om Imog in de mogelijkheid te stellen om die rechtstreekse toegang tot het rijksregister in orde te brengen, werd een termijn van 6 maanden voorzien, nl. t.e.m. 30 juni 2026.
Ondanks de vele inspanningen van IMOG, kunnen de diensten van het Rijksregister de mutaties in het lokaal bevolkingsregister momenteel nog steeds niet rechtstreeks afleveren aan de intercommunales.
Artikel 5 'Periodiciteit van de mededeling en de duur van de mededeling' van het huidige protocol vermeldt echter het volgende:
"De mededeling van de mutaties in het lokaal bevolkingsbestand zal dagelijks gebeuren.
De mededeling van deze mutaties loopt van de ondertekening van dit protocol door beide partijen tot en met 30 juni 2026. De mededeling is mits evaluatie en instemming van Gemeente Anzegem verlengbaar telkens voor zes maanden."
Imog deelde op 16 juni 2026 in een e-mail mee dat men vermoed dit opgelost te krijgen tegen 31 december 2026. Om die reden wordt voorgesteld op de termijn van mededeling van de mutaties in het lokaal bevolkingsbestand te verlengen voor zes maanden en te regelen met een addendum aan het protocol.
Decreet over het Lokaal Bestuur van 22 december 2017, in het bijzonder artikel 40, betreffende de bevoegdheden van de gemeenteraad.
Decreet van 18 juli 2008 betreffende het elektronische bestuurlijke gegevensdecreet (het “e-govdecreet).
De Verordening (EU) 2016/679 van 27 april 2016 van het Europees Parlement en de Raad betreffende de bescherming van natuurlijke personen in verband met de verwerking van persoonsgegevens en betreffende het vrije verkeer van die gegevens en tot intrekking van Richtlijn 95/46/EG (algemene verordening gegevensbescherming).
Wet van 30 juli 2018 betreffende de bescherming van natuurlijke personen met betrekking tot de verwerking van persoonsgegevens.
Decreet van 8 juni 2018 betreffende de aanpassing van de decreten aan de verordening (EU) 2016/679 van het Europees Parlement en de Raad van 27 april 2016 betreffende de bescherming van natuurlijke personen in verband met de verwerking van persoonsgegevens en betreffende het vrije verkeer van die gegevens en tot intrekking van richtlijn 95/46/EG (algemene verordening gegevensbescherming) (het “AVG-decreet”).
Het raadsbesluit van 14 juni 2016 houdende de vaststelling van het initieel informatieveiligheidsplan voor het gemeentebestuur van Anzegem – laatst gewijzigd op 6 juni 2017;
Het raadsbesluit d.d. 13 november 2018 aangaande de goedkeuring van het algemeen privacybeleid;
Het collegebesluit van 9 mei 2018 aangaande de aanduiding van een DPO en latere wijzigingen;
Beslissing van de gemeenteraad dd. 14 juli 2020: algemeen gemeentelijk retributiereglement inzake diftar op het recyclagepark (geDIFfertentieerd TARief): goedkeuring nieuw reglement vanaf 1 september 2020.
Beslissing van het college van burgemeester en schepenen dd. 4 oktober 2023 m.b.t. vraagstelling ikv uitrol IMOG-implementatieplan voor het Lokaal Materialenplan UHABA 2023-2030
Beslissing van de gemeenteraad dd. 10 oktober 2023 IMOG-implementatieplan voor de uitrol van het Lokaal Materialenplan UHAGBA 2023-2030: goedkeuring
Beslissing van het college van burgemeester en schepenen dd. 24 april 2025 om restafval in te zamelen in DIFTAR-rolcontainers
Beslissing van het college van burgemeester en schepenen dd. 15 mei 2025 n.a.v. de vraagstelling vanuit het algemeen comité IMOG dd. 9 mei 2025 aan het college m.b.t. de uitrol van het IMOG-implementatieplan bij het Lokaal Materialenplan UHAGBA 2023-2030
Beslissingen van de gemeenteraad dd. 8 juli 2025 inzake vaststelling retributiereglement inzake huishoudelijke afval e.a. en ter goedkeuring van het protocol voor de elektronische mededeling van persoonsgegevens van lokaal bestuur Anzegem naar de intergemeentelijke vereniging IMOG
Beslissing van de gemeenteraad dd. 15 december 2025 tot aanpassing van de einddatum van het protocol voor de elektronische mededeling van persoonsgegevens van lokaal bestuur Anzegem naar de intergemeentelijke vereniging IMOG dat goedgekeurd werd op de gemeenteraad van 8 juli 2025
Beslissing van het college van burgemeester en schepenen dd. 8 januari 2026 tot vaststelling van een tijdelijk protocol voor de elektronische mededeling van persoonsgegevens van lokaal bestuur Anzegem naar de intergemeentelijke vereniging IMOG, dit in functie van het lokaal materialenplan en de nieuwe afvalophaling vanaf 1 januari 2026.
Beslissing van de gemeenteraad dd. 10 februari 2026 tot bekrachtiging van het collegebesluit dd. 8 januari 2026 aangaande de vaststelling van een tijdelijk protocol voor de elektronische mededeling van persoonsgegevens van lokaal bestuur Anzegem naar de intergemeentelijke vereniging IMOG, dit in functie van het lokaal materialenplan en de nieuwe afvalophaling vanaf 1 januari 2026.
Art. 2: Deze beslissing en het tijdelijk protocol over te maken aan Imog en de interne betrokken diensten.
Art. 3: IMOG en Interafval te verzoeken om het nodige te blijven doen om de gegevensverwerkingen juridisch en technisch zo snel mogelijk correct te regelen.
Vanaf 1 september 2012 is er in het gewoon basisonderwijs een nieuw omkaderingssysteem van toepassing. Gewone lagere scholen dienen veel beter nog te bewijzen dat ze alles in het werk stellen om kinderen met specifieke onderwijsbehoeften te helpen en dat doorverwijzing naar bijzonder onderwijs zeer moeilijk wordt. Vanaf 1 september 2023 treedt in opvolging van het M-decreet het decreet Leersteun in werking. Het doel is kwaliteitsvol onderwijs voor alle leerlingen aan te bieden, dat tevens werkbaar blijft voor de onderwijzer. De gemeenteschool diende zich dientengevolge te organiseren ten voordele van de uren zorg en in functie van het decreet Leersteun.
De gemeente ontving vanwege het Vlaams Ministerie van Onderwijs en Vorming – Agentschap voor Onderwijsdiensten (AgODi) dienstbrieven waaruit blijkt dat voor het schooljaar 2026-2027:
Totaal kleuters: 98: Pastoor Verrieststraat 67 - Engelhoek 31
Totaal lager: 112: Pastoor Verrieststraat 19+ Ingooigemplaats 93
Rekening houdend dat voor het lager bijkomende lesuren ook meegeteld moeten worden:
Bijgevolg zijn er 154 lestijden voor het kleuter en 161 lestijden lager onderwijs (=lestijden+SES+aanvangsbegeleiding+kerntaken+samen school maken).
Voor het kleuteronderwijs zijn er 2 groepen in de Engelhoek. Er zijn 3 kleutergroepen met opsplitsing voor veilige landing in de peuterklas in Pastoor Verrieststraat. We opteren om de peuters zoveel als mogelijk apart te houden opdat we kunnen inzetten op differentiatie op beide niveaus, zijnde peuter en eerste kleuter.
De bewegingsopvoeding bij de kleuters wordt voorzien door iemand die 6u benoemd is en 2 uur door een tijdelijke leerkracht (LO leerkracht).
Er worden geen lestijden kleuter overgezet naar het lager onderwijs.
In de lagere school zijn er 6 klassen, zonder inboeting op zorg en LO.
Zorg wordt bij voorkeur ingezet bij de klassen van de onderbouw.
De SES-uren zijn gekleurde uren die decretaal in het beleid van leerlingenbegeleiding verankerd zitten.
Klassen worden samengenomen: 3de en 4de leerjaar. Dit geeft 2 uur terbeschikkingstelling wegens ontstentenis van betrekking (TBSOB) voor niet-confessionele zedenleer, dit kan met wedertewerkstelling in de scholengemeenschap bijgepast worden. De islamitische uren zijn afgelopen 4 schooljaren niet opgelost kunnen worden omdat er geen leermeester vanuit de godsdienst kon doorgegeven worden.
Gelet op het advies van de schoolraad van 23 juni 2026, ABC van 23 juni 2026, beheerscomité van 11 juni 2026 en advies uitgebracht op het OCSG op 18 juni 2026.
Decreet lokaal bestuur
het decreet Basisonderwijs van 25 februari 1997 en latere wijzigingen;
besluit van de Vlaamse regering van 17 juni 1997 betreffende de formatie in het gewoon onderwijs
besluit van de Vlaamse regering van 5 december 2003 betreffende ICT-coördinatie in het onderwijs
Omzendbrief personeelsformatie scholen in het gewoon basisonderwijs van 29 juni 2005 en later wijzigingen
Decreet over leersteun van 5 mei 2023
Raadsbeslissing van 22 april 2020 inzake netoverschrijdende scholengemeenschap interlokale vereniging Kadanz met ingang van 1 september 2020
Raadsbeslissing van 22 april 2020 inzake goedkeuring herstructurering gemeentelijk onderwijs
Raadsbeslissing van 22 april 2020 inzake netoverschrijdende scholengemeenschap interlokale vereniging Kadanz met ingang van 1 september 2020
Raadsbeslissing van 8 juli 2025 inzake aankoop lestijden ten laste van het werkingsbudget schooljaar 2025-2026: goedkeuring.
Raadsbeslissing van 8 juli 2025 inzake lestijdenpakket gemeenteschool 2025-2026: goedkeuring.
Art.1: Het lestijdenpakket 2026-2027, zoals gunstig geadviseerd door de schoolraad en het syndicaal onderhandelingscomité (ABC) wordt als volgt goedgekeurd:
A. LEERLINGENAANTALLEN + BEREKENING LESTIJDEN
Aantal ingeschreven regelmatige leerlingen op 2/2/2026
Totaal kleuters: 98 (Pastoor Verrieststraat: 67 - Engelhoek: 31)
Lestijdenpakket kleuter: 149 LT + 5 SES
Totaal kleuter: 154 LT
Totaal lager: 112: Pastoor Verrieststraat 19+ Ingooigemplaats 93
Lestijdenpakket lager: 147 lestijden + 7 SES
3 uur aanvangsbegeleiding
3 uur kerntaken
1 uur samen school maken
Totaal: 161 lestijden lager
B. AANVULLINGEN
- Lestijden Rooms-Katholieke godsdienst - niet-confessionele zedenleer – protestants-evangelische godsdienst: 5 cursussen of 10 uur
- lestijden protestantse in 2de, 3de,4de, 5de en 6de leerjaar: 4 cursussen of 8 uur
- lestijden niet-confessionele zedenleer (NCZ) in alle leerjaren: 5 cursussen of 10 uur
- lestijden Rooms-Katholieke godsdienst in alle leerjaren: 5 cursussen of 10 uur
Klassen worden samengenomen: 3de en 4de leerjaar
Dit geeft 2 uur TBSOB (Terbeschikkingstelling wegens ontstentenis van betrekking) voor niet-confessionele zedenleer en kan met wedertewerkstelling bijgepast worden.
- ICT- coördinatie: 17 punten + 1 restpunt stimuli
16 punten voor 4/36 en 3/36 en 1 restpunt en 1 stimuli voor 1/36.
- Administratieve en beleidsondersteuning: 64 punten en 2 restpunt stimuli
22/36 HOKT administratie en 6/36 HOKT beleidsondersteuning (HOKT: Hoger Onderwijs van het Korte Type)
- ZORGPUNTEN 61 punten en 7 stimulipunten: 54 punten voor 23/36, 7 punten + 7 stimuli voor 6/36
- Lerarenplatform: 10u (prognose) worden geclusterd op niveau scholengemeenschap
- kinderverzorger: 17/32
C. BEZETTING
Kleuter:
154 lestijden:141 benoemde uren en 13 tijdelijke uren.
5 voltijds benoemde leerkrachten
1 deeltijds benoemde leerkracht 6/24
1 deeltijds benoemde leerkracht 15/24
Kinderverzorger
17/32 waarvan 17/32 benoemd
Onderwijzer
132 benoemde uren, 29 tijdelijke uren, 8 PWB uren (lestijden aangekocht ten laste van het werkingsbudget)
3 voltijds benoemde leerkrachten
Deeltijds benoemde leerkrachten voor 20/24, 10/24, 12/24 en 13/24
LO 2/24 en 3/24
ZOCO
61 punten en 7 stimuli is 29/36
21/36 vastbenoemd
7/36 tijdelijke
ICT
17 punten is 7/36 door eigen ICT punten
4/36 vastbenoemd, 3/36 tijdelijke uren
1 restpunt + 1 stimuli is 1/36
Administratieve ondersteuning
64 punten door eigen punten en 2 stimulipunten
22/36 HOKT (administratie) en 6/36 HOKT (beleid)
lerarenplatform: 10 uur (prognose) wordt geclusterd tot voltijdse betrekking in scholengemeenschap. Op niveau van de scholengemeenschap Kadanz wordt 1 onderwijzer aangesteld om het lerarenplatform te versterken.
Art.2: Kennis te geven van dit besluit aan de toezichthoudende overheid volgens de regels vervat in het decreet lokaal bestuur.
De gemeenteraad keurde op 22 april 2020 de herstructurering van de gemeenteschool goed. Het college had zich op 25 maart 2020 principieel geëngageerd om maximaal 20 lestijden (ten laste van het werkingsbudget) aan te kopen en dit gedurende 3 schooljaren. Deze drie jaren zijn intussen verstreken.
Het bestuur wil zich houden aan de raadsbeslissing van 22 april 2020 en engageert zich voor het organiseren van 6 klassen lager onderwijs, zonder het organiseren van graadsklassen. De aankoop van lesuren ten laste van het werkingsbudget wordt jaarlijks ter goedkeuring voorgelegd aan de gemeenteraad.
Voor het schooljaar 2024-2025 werden 16 lestijden aangekocht ten laste van het werkingsbudget in de gemeentelijke basisschool, in schooljaar 2025-2026 waren dit 12 lestijden.
Van de schooldirecteur kwam het voorstel om voor het schooljaar 2026-2027 8 uren aan te kopen. Hiermee kan er gegarandeerd worden dat er geen graadklassen moeten georganiseerd worden en is er voldoende ondersteuning vanuit het ganse pakket. De aan te kopen uren worden ingezet om de zorgwerking te garanderen in de lagere klasse, nu er geen uren meer van kleuter overgezet worden en er op die manier in het kleuter gerichte zorg kan gegeven worden.
In de basisschool zijn er 14 kinderen met een GC (Gemeenschappelijk Curriculum- volgen het gewone leerplan, maar hebben recht op extra ondersteuning - die ondersteuning komt van BOOST) en daarnaast zijn er 3 IAC trajecten zijn (Individueel Aangepast Curriculum).
In het kleuter zitten er 4 kleuters met een GC (Gemeenschappelijk Curriculum- volgen het gewone leerplan, maar hebben recht op extra ondersteuning) en 1 in een IAC traject (Individueel Aangepast Curriculum).
De implementatie van de minimumdoelen wordt gefaseerd en onderbouwd uitgevoerd met aandacht voor alle kinderen in de klaswerking te ondersteunen.
Verwijzend naar:
Aankoop 1 lestijd kost ongeveer 2500 euro/jaar.
Geschatte kost: 30.000 euro, te splitsen over 2 kalenderjaren (2026-2027)
Decreet lokaal bestuur
het decreet Basisonderwijs van 25 februari 1997 en latere wijzigingen;
besluit van de Vlaamse regering van 17 juni 1997 betreffende de formatie in het gewoon onderwijs
Omzendbrief personeelsformatie scholen in het gewoon basisonderwijs van 29 juni 2005 en later wijzigingen
Raadsbeslissing van 22 april 2020 inzake netoverschrijdende scholengemeenschap interlokale vereniging Kadanz met ingang van 1 september 2020
Raadsbeslissing van 9 juli 2024 inzake aankoop lestijden ten laste van het werkingsbudget schooljaar 2024-2025: goedkeuring.
Raadsbeslissing van 9 juli 2024 inzake lestijdenpakket gemeenteschool 2024-2025: goedkeuring.
Raadsbeslissing van 8 juli 2025 inzake aankoop lestijden ten laste van het werkingsbudget schooljaar 2025-2026: goedkeuring.
Raadsbeslissing van 8 juli 2025 inzake lestijdenpakket gemeenteschool 2024-2025: goedkeuring.
Art.1: Voor het schooljaar 2026-2027 worden 8 bijkomende lestijden (8/24) aangekocht ten laste van het werkingsbudget in de gemeentelijke basisschool.
Art.2: Afschrift wordt overgemaakt aan:
Een schoolbestuur moet voor elk van zijn basisscholen een schoolreglement opstellen dat de betrekkingen tussen het schoolbestuur en de ouders en de leerlingen regelt. Er moeten duidelijke afspraken tussen de ouders en het schoolbestuur gemaakt worden. Het huidig schoolreglement is aan actualisatie toe (gewijzigde regelgeving en sommige artikels werden verduidelijkt/verfijnd) en werd opgeheven en vervangen door een nieuwe versie, op basis van de suggesties van OVSG. De raad kan ook de (geüpdatete) schoolbrochure (onthaalbrochure) goedkeuren.
Verwijzend naar de schoolraad op 23 juni 2026 met gunstig advies.
het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur en latere wijzigingen
de nieuwe gemeentewet van 24 juni 1988 en latere wijzigingen
het decreet basisonderwijs van 25 februari 1997
Artikel II.21 Bestuursdecreet
Raadsbesluit van 8 juli 2025 inzake Gemeentelijke basisschool - schoolreglement: opheffing huidig reglement en schoolbrochure, goedkeuring nieuw schoolreglement en schoolbrochure met ingang vanaf 1 september 2025.
Art.1: Het bestaande schoolreglement en de schoolbrochure (onthaalbrochure/infobrochure) wordt opgeheven.
Art.2: Het zoals in bijlagen opgenomen schoolreglement en schoolbrochure (onthaalbrochure/infobrochure) worden goedgekeurd met directe ingang.
Art.3: het aangepaste schoolreglement te publiceren op de website van de school en van Anzegem. De onthaalbrochure komt op de website van de school.
Art.4: Het schoolreglement gewoon basisonderwijs wordt bij elke inschrijving van een leerling en nadien bij elke wijziging, ter beschikking gesteld aan de ouders, die ondertekenen voor akkoord.
Naar aanleiding van de wijziging van tarieven van het schoolreglement, dient ook het retributiereglement aangepast te worden.
Hoofdstuk 13 Onderwijs wordt daarbij aangepast als volgt:
(...)
- Niet verplichte = facultatieve kosten
- Vervoer buitenschoolse activiteiten: € 1,6 euro per busrit
- Deelname aan buitenschoolse activiteiten: reële kostprijs
- Naschoolse studie 2.5 euro per uur 3.2 euro per uur
- Abonnementen voor tijdschriften: reële kostprijs
- Leerlingenvervoer: € 1,6 euro per busrit
- Turnkledij: driejaarlijkse aankoop turntruitje : € 11
- Maaltijden: € 4.30 inclusief toezicht (0.70 euro) (lager onderwijs) - 3.30 euro (kleuters) - Soep: € 1.30 inclusief toezicht (€ 0.70)
€ 4.48 inclusief toezicht (0.88 euro) (lager onderwijs) - 3.48 euro (kleuters) - Soep: € 1.48 inclusief toezicht (€ 0.88)
- Hesje: gratis door de ouderraad om de 3 jaar, bijkomend kost 7 euro
- Fruitproject: gratis (steun van de oudercomité)
- Nieuwjaarsbrieven: 1 euro
- Traktaat bij verjaardag: 5 euro
Prijzen onder voorbehoud
§3 Minder scherpe maximumfactuur
Voor meerdaagse extra-murosactiviteiten kan enkel in de lagere school een bijdrage gevraagd worden. Dit gebeurt na overleg met de schoolraad.
Deze bijdrage mag 550 560 euro bedragen voor de volledige schoolloopbaan lager onderwijs. De concrete uitwerking van de minder scherpe maximumfactuur, d.w.z. specifieke activiteiten zijn terug te vinden in de infobrochure van de school of er wordt een brief meegegeven.
- 2-daagse (3e kleuter en eerste leerjaar) – 1 overnachting max. 110 euro
- 3-daagse (zeeklas - onderbouw) – 2 overnachtingen max. 145 euro
- 5-daagse (bosklas – bovenbouw): 4 overnachtingen max. 220 euro
(...)
Verwijzend naar de schoolraad op 23 juni 2026 met gunstig advies.
decreet Lokaal Bestuur
Algemeen gemeentelijk retributiereglement, laatst gewijzigd op 9 juni 2026
Art.1: Het retributiereglement Hoofdstuk 13 aan te passen als volgt:
(...)
- Niet verplichte = facultatieve kosten
- Vervoer buitenschoolse activiteiten: € 1,6 euro per busrit
- Deelname aan buitenschoolse activiteiten: reële kostprijs
- Naschoolse studie 2.5 euro per uur 3.2 euro per uur
- Abonnementen voor tijdschriften: reële kostprijs
- Leerlingenvervoer: € 1,6 euro per busrit
- Turnkledij: driejaarlijkse aankoop turntruitje : € 11
- Maaltijden: € 4.30 inclusief toezicht (0.70 euro) (lager onderwijs) - 3.30 euro (kleuters) - Soep: € 1.30 inclusief toezicht (€ 0.70)
€ 4.48 inclusief toezicht (0.88 euro) (lager onderwijs) - 3.48 euro (kleuters) - Soep: € 1.48 inclusief toezicht (€ 0.88)
- Hesje: gratis door de ouderraad om de 3 jaar, bijkomend kost 7 euro
- Fruitproject: gratis (steun van de oudercomité)
- Nieuwjaarsbrieven: 1 euro
- Traktaat bij verjaardag: 5 euro
Prijzen onder voorbehoud
§3 Minder scherpe maximumfactuur
Voor meerdaagse extra-murosactiviteiten kan enkel in de lagere school een bijdrage gevraagd worden. Dit gebeurt na overleg met de schoolraad.
Deze bijdrage mag 550 560 euro bedragen voor de volledige schoolloopbaan lager onderwijs. De concrete uitwerking van de minder scherpe maximumfactuur, d.w.z. specifieke activiteiten zijn terug te vinden in de infobrochure van de school of er wordt een brief meegegeven.
- 2-daagse (3e kleuter en eerste leerjaar) – 1 overnachting max. 110 euro
- 3-daagse (zeeklas - onderbouw) – 2 overnachtingen max. 145 euro
- 5-daagse (bosklas – bovenbouw): 4 overnachtingen max. 220 euro
(...)
Art.2: Deze beslissing bekend te maken op de gemeentelijke website.
Het arbeidsreglement regelt de betrekkingen tussen het schoolpersoneel en het personeel. Alle personen die onder gezag arbeid verrichten in het gemeentelijk onderwijs, moeten worden geïnformeerd over de voorwaarden en wijzigingen die op hun arbeidsverhouding van toepassing zijn. Er zijn wettelijke wijzigingen, waardoor een aanpassing van de tekst zich opdringt. Het voorliggende arbeidsreglement is gebaseerd op het model van arbeidsreglement van OVSG.
Het arbeidsreglement regelt de betrekkingen tussen het schoolpersoneel en het personeel. Alle personen die onder gezag arbeid verrichten in het gemeentelijk onderwijs, moeten worden geïnformeerd over de voorwaarden en wijzigingen die op hun arbeidsverhouding van toepassing zijn. Er zijn wettelijke wijzigingen, waardoor een aanpassing van de tekst zich opdringt. Het voorliggende arbeidsreglement is gebaseerd op het model van arbeidsreglement van OVSG.
Het decreet rechtspositie en het decreet basisonderwijs laten voldoende ruimte om lokaal en autonoom concrete afspraken te maken rond rechten en plichten van het personeel en het schoolbestuur.
Het ontwerp werd besproken in het ABC op 23 juni 2026 en werd positief geadviseerd.
Decreet lokaal bestuur
de wet van 8 april 1965 tot instelling van de arbeidsreglementen en latere wijzigingen;
het decreet van 27 maart 1991 betreffende de rechtspositie van sommige personeelsleden van het gesubsidieerd onderwijs en de gesubsidieerde centra voor leerlingenbegeleiding en latere wijzigingen;
het decreet basisonderwijs van 25 februari 1997 en latere wijzigingen;
de wet van 19 december 1974 tot regeling van de relaties tussen de overheid en de vakbonden van haar personeel en latere wijzigingen;
Koninklijk besluit van 2 oktober 1937 houdende het statuut van het Rijkspersoneel en latere wijzigingen
Raadsbeslissing van 8 juli 2025 inzake Gemeentelijke basisschool Ingooigem - arbeidsreglement: goedkeuring aanpassing.
Art.1: De aanpassingen van het arbeidsreglement voor het personeel van de gemeentelijke basisschool Ingooigem zoals opgenomen in bijlage goed te keuren met ingang van 1 september 2026.
Art.2: Een afschrift van dit besluit en van het gewijzigde arbeidsreglement ter kennisgeving te bezorgen aan de personen die onder gezag arbeid verrichten in de gemeenteschool.
De vereniging VZW Koninklijke Sportvereniging Wiel in Wiel Vichte is actief op het gebied van de organisatie van wielerwedstrijden, met als hoofdevenement de wielerwedstrijd ‘Grote Textielprijs – wielerwedstrijd voor beroepsrenners – Vichte’ en dit op een zodanig niveau, dat de vereniging haar doel, handhaving of verhoging van dit niveau, zonder externe hulp niet tot zeer moeilijk kan realiseren.
Voor het verwezenlijken van haar doel, heeft de vereniging onder meer financiële en materiële ondersteuning nodig. Ze heeft ook de mogelijkheid om met betrekking tot haar activiteiten overeenkomsten van samenwerking, financiële steun of sponsoring te sluiten met openbare en privé-partners.
De voorgaande jaren kon gebruik gemaakt worden van een gebouw van een privé-partner om de aankomstzone en VIP-zone te installeren. Zij beschikken vanaf 2026 niet meer over dit gebouw. Verwijzend naar het principieel akkoord van het college van 29 januari 2026 inzake het gebruik van de Expohal van het Gemeentepunt, werd in overleg gegaan met het bestuur van de VZW Wiel in Wiel en kwam men tot een voorstel van overeenkomst. Gezien de nieuwe situatie, werd de overeenkomst opgemaakt voor één jaar. Na evaluatie kan een nieuwe overeenkomst opgemaakt worden.
In de overeenkomst worden wederzijdse engagementen gestipuleerd. De gemeente voorziet een eenmalige financiële ondersteuning van € 12.500 als tussenkomst in de kosten van de vereniging. Daarnaast is er logistieke en personele inzet die ter ondersteuning wordt aangeboden.
De vereniging voorziet een brede bekendmaking van de activiteit en verbindt de naam van de gemeente Anzegem aan de wielerwedstrijd Textielprijs Vichte (en vice versa). Er worden tevens toegangskaarten voorzien, deels gratis, deels aan (verlaagd) tarief.
Daarnaast is er een huurovereenkomst opgesteld voor het gebruik van de zalen en buitenruimtes waarvoor € 2.500 huur wordt betaald.
Overwegende dat de gemeente bereid is de vereniging financieel en organisatorisch te ondersteunen, mits het gemeentebestuur van Anzegem zich op enigerlei wijze, direct of indirect, kan profileren.
Gelet op het gunstig advies van de sportraad 23 juni 2026.
Decreet Lokaal Bestuur
De raadsbesluiten van 7 april 2009 en 3 april 2014 houdende goedkeuring overeenkomst tussen gemeentebestuur Anzegem en VZW Koninklijke Sportvereniging Wiel in Wiel Vichte voor de duur van respectievelijk 1 september 2009 tot en met 30 september 2013 en van 1 september 2014 tot en met 30 september 2019 met een gemeentelijke financiële ondersteuning van 2.000 euro per jaar;
Gemeenteraadsbesluit van 10 september 2019 houdende toekenning bijkomende financiële en logistieke ondersteuning aan Wiel in Wiel voor de organisatie Textielprijs 2019.
Gemeenteraadsbesluit van 13 juli 2021 houdende toekenning van financiële en logistieke ondersteuning aan Wiel in Wiel voor de organisatie van de Textielprijs editie 2021.
Gemeenteraadsbesluit van 12 juli 2022 inzake Overeenkomst tot structurele samenwerking met financiële inbreng tussen het Gemeentebestuur van Anzegem en vzw Koninklijke Sportvereniging Wiel in Wiel – Vichte voor de duur van 1 september 2022 tot en met 30 september 2025: goedkeuring.
Collegebesluit van 29 januari 2026 inzake principieel akkoord inzake Textielprijs 2026
Art. 1: De overeenkomst tot samenwerking tussen het gemeentebestuur en VZW Koninklijke Sportvereniging Wiel in Wiel Vichte, in kader van Textielprijs 2026 goed te keuren zoals opgenomen in bijlage.
Art. 2: De huurovereenkomst tussen het gemeentebestuur en VZW Koninklijke Sportvereniging Wiel in Wiel Vichte, in kader van Textielprijs 2026 goed te keuren zoals opgenomen in bijlage.
Art.3: Deze beslissing wordt ter beschikking gehouden van het administratief toezicht zoals voorzien in het Decreet Lokaal Bestuur.
Voetbalclub de Blauwe Haring diende in 2020 een aanvraag in voor het bekomen van een investeringstoelage voor de vernieuwing van de accommodatie op de Hoogstraat in Tiegem, ze kregen hiervoor een investeringstoelage toegewezen van € 24.000.
Nadat de eerste werken werden uitgevoerd, kregen ze al een uitbetaling van € 20.000 op basis van betaalde facturen en betalingsbewijzen. Resterende deel van de toelage: € 4.000.
Het reglement van de investeringstoelage, daterende uit de vorige legislatuur werd niet meer hernomen in de huidige legislatuur waardoor er geen basis meer is tot uitbetaling. Het resterende deel kan via een nominatieve toelage uitbetaald worden.
Gelet op het gunstig advies van de sportraad 23 juni 2026.
Jaarbudgetrekening: 2026/GBB_PATG/0742-02/664000/GEMEENTE/CBS/IP-PATG
Bedrag: € 4.000
Voorzien in budget.
Decreet Lokaal Bestuur
Collegebeslissing 27 mei 2020 inzake investeringstoelagen sport 2020
Collegebeslissing 23 december 2020 inzake investeringstoelage sportclub
Art.1: Binnen de perken van de in het gemeentelijk budget goedgekeurde krediet een toelage toe te kennen aan Blauwe Haring als tussenkomst in de werken strekkende de vernieuwing van de kantine en het sanitaire gedeelte, ten bedrage van totaal € 4.000.
Art.2: Afschrift van deze beslissing wordt bezorgd aan: Blauwe Haring en dienst Financiën en Sport.
Ter vervanging van 3 bestaande bestelwagens (2 Iveco’s en 1 Ford) waarover de Groendienst en Technische dienst momenteel beschikken, wordt een opdracht uitgeschreven tot de aankoop van 3 identieke nieuwe bestelwagens met open laadbak, enkele cabine en materiaalbak; 1 bestelwagen voor de Groendienst en 2 bestelwagens voor de Technische dienst (onder meer ter onderhoud van de kerkhoven).
In het kader van de opdracht “Aankoop van 3 bestelwagens met open laadbak” werd een bestek met nr. 2026/1846 opgesteld door de Aankoopdienst.
De uitgave voor deze opdracht wordt geraamd op € 105.000,00 excl. btw of € 127.050,00 incl. 21% btw (i.e. € 35.000,00 excl. btw of € 42.350,00 incl. 21% btw per bestelwagen).
Er wordt voorgesteld de opdracht te gunnen bij wijze van de onderhandelingsprocedure zonder voorafgaande bekendmaking.
In het meerjarenplan 2026-2031 is er budget beschikbaar onder jaarbudgetrekeningen investering:
• 1 bestelwagen voor de Groendienst:
o 2026/GBB_GI/0680-00/2430000/GEMEENTE/CBS/IP-GI (Groene ruimte – Rollend materieel) (hiervoor dient krediet verschoven te worden van jaarbudgetrekening 2026/GBB_GI/0200-00/2430000/GEMEENTE/CBS/IP-GI)
• 2 bestelwagens voor de Technische dienst (onder meer ter onderhoud van de kerkhoven):
o 2026/GBB_GI/0200-00/2430000/GEMEENTE/CBS/IP-GI (Gemeentelijke Infrastructuur – niet-verdeelde ontvangsten en uitgaven – Rollend materieel)
• Financiële impact: Ja
• Ingecalculeerd in budget/meerjarenplanning: Ja
• Raming: € 105.000,00 excl. btw of € 127.050,00 incl. 21% btw
• Jaarbudgetrekeningen investering:
o 1 bestelwagen voor de Groendienst:
o 2026/GBB_GI/0680-00/2430000/GEMEENTE/CBS/IP-GI (Groene ruimte – Rollend materieel) (hiervoor dient krediet verschoven te worden van jaarbudgetrekening 2026/GBB_GI/0200-00/2430000/GEMEENTE/CBS/IP-GI)
o 2 bestelwagens voor de Technische dienst (onder meer ter onderhoud van de kerkhoven):
o 2026/GBB_GI/0200-00/2430000/GEMEENTE/CBS/IP-GI (Gemeentelijke Infrastructuur – niet-verdeelde ontvangsten en uitgaven – Rollend materieel)
Het Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, meer bepaald artikelen 40 en 41, betreffende de bevoegdheden van de gemeenteraad.
De wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motiveringsplicht van bestuurshandelingen, en latere wijzigingen.
Het Bestuursdecreet van 7 december 2018.
Het Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, meer bepaald artikelen 326 tot en met 341 betreffende het bestuurlijk toezicht.
De wet van 17 juni 2013 betreffende de motivering, de informatie en de rechtsmiddelen inzake overheidsopdrachten, bepaalde opdrachten voor werken, leveringen en diensten en concessies, en latere wijzigingen.
De wet van 17 juni 2016 en latere wijzigingen inzake overheidsopdrachten, meer bepaald artikel 42, § 1, 1° a) (de goed te keuren uitgave excl. btw bereikt de drempel van € 140.000,00 niet).
Het koninklijk besluit van 14 januari 2013 tot bepaling van de algemene uitvoeringsregels van de overheidsopdrachten, en latere wijzigingen.
Het koninklijk besluit van 18 april 2017 betreffende plaatsing overheidsopdrachten klassieke sectoren, en latere wijzigingen, meer bepaald artikel 90, 1°.
De beslissing van de gemeenteraad d.d. 11 februari 2025 betreffende de definitie van het begrip ‘dagelijks bestuur’ en de visumplichtige verrichtingen.
Art.1: Het bestek met nr. 2026/1846 en de raming voor de opdracht “Aankoop van 3 bestelwagens met open laadbak”, opgesteld door de Aankoopdienst worden goedgekeurd. De lastvoorwaarden worden vastgesteld zoals voorzien in het bestek en zoals opgenomen in de algemene uitvoeringsregels van de overheidsopdrachten voor aannemingen van werken, leveringen en diensten. De raming bedraagt € 105.000,00 excl. btw of € 127.050,00 incl. 21% btw.
Art.2: Bovengenoemde opdracht wordt gegund bij wijze van de onderhandelingsprocedure zonder voorafgaande bekendmaking.
Art.3: Kennis te geven van dit besluit aan de toezichthoudende overheid volgens de regels vervat in het Decreet Lokaal Bestuur houdende regeling, voor het Vlaamse Gewest, van het algemeen bestuurlijk toezicht op de gemeenten.
Het bestaande reglement dd 3 juli 2018 ter subsidiëring van projecten in het kader van ontwikkelingssamenwerking werd de voorbije jaren aan de praktijk getoetst waarbij een aantal zaken zich opdrongen om een bijsturing wenselijk te maken. Vooral het via punten bepaalde verdeelmechanisme om vast te stellen hoeveel een project aan subsidie kon bekomen was aan evaluatie toe.
Een werkgroep binnen de wereldraad heeft op basis van deze vaststelling een grondige doorlichting gemaakt van het bestaande reglement om een compactere tekst te maken die de leesbaarheid voor toekomstige projectaanvragers moet vereenvoudigen. Daarnaast werden beoordelingscriteria om in aanmerking te komen voor subsidie verfijnd alsook de verdeelwijze van het beschikbare budget.
Budget voorzien via GBB/int. solidariteit/0160-00/6490020
decreet Lokaal Bestuur
Reglement subsidiëring van projecten in het kader van ontwikkelingssamenwerking dd GR 03 juli 2018
Art. 1: het bestaande reglement inzake subsidiëring projecten in het kader van ontwikkelingssamenwerking van 3 juli 2018 op te heffen met onmiddellijke ingang.
Art. 2: onderstaand herwerkt reglement aangaande de subsidiëring van projecten in het kader van ontwikkelingssamenwerking goed te keuren met onmiddellijke ingang:
Reglement inzake subsidiëring van projecten in het kader van ontwikkelingssamenwerking
1.Algemeen:
De gemeente Anzegem wenst in samenwerking met de Wereldraad Anzegem, binnen de perken van het beschikbaar budget, een toelage toe te kennen aan kleinschalige projecten in het Zuiden, die gericht zijn op structurele en duurzame verandering of ondersteuning, waarbij inwoners van onze gemeente betrokken zijn.
Onder project wordt verstaan: een nieuw project of een deelactie binnen een bestaand project, beperkt in tijd en plaats en kleinschalig qua budget.
2. Voorwaarden:
2.1. De aanvragende persoon of organisatie:
Een inwoner of vertegenwoordiger van een organisatie, gedomicilieerd in de gemeente Anzegem, die drager is binnen Anzegem van het project of ter plaatse voor een bepaalde periode heeft meegewerkt en waarbij er een duidelijke band is tussen de aanvrager en het ingediende project. Onder organisatie wordt bedoeld: een vierdepijlervereniging, jeugdvereniging, sportclub, school, bewonersgroep, etc.
2.2. Een project in het Zuiden moet voldoen aan volgende voorwaarden:
Het moet gaan om een kleinschalig project in een land in het Zuiden dat minder scoort dan 0,800 op de Human Development lndex (HDI) van de Verenigde Naties.
Het project moet ten goede komen aan de plaatselijke gemeenschap, waaraan deze ook actief participeert en de aanvrager moet specificeren welke de doelstellingen van het project zijn en welke doelstellingen op het einde moeten worden bereikt. Projecten ten gunste van een individu komen niet in aanmerking. De aanvrager of aanvragende organisatie is betrokken bij de uitvoering van het project.
Het project moet uitgevoerd worden door een lokale organisatie in het Zuiden die ter verantwoording op regelmatige basis rapporteert aan de aanvrager. Het uiteindelijke doel is dat het project na een zekere tijd op zichzelf kan functioneren. Belangrijke voorwaarden zijn ook: de betrokkenheid en inspraak van de plaatselijke bevolking, de verankering, de duurzaamheid, de mogelijkheden tot controle en de coherentie van het project.
3. Aanvraagprocedure:
De aanvragen dienen te worden ingediend bij de Wereldraad tegen ten laatste eind oktober op het daartoe voorziene aanvraagformulier, dat te verkrijgen is op het secretariaat van de Wereldraad of te downloaden via de website van de gemeente Anzegem
. De projectaanvraag dient minstens de volgende elementen te bevatten:
• Een beknopte omschrijving van de concrete doelstellingen en de te bereiken resultaten
• De identificatie van de verantwoordelijke van de vragende partij voor subsidie
• De identificatie van de verantwoordelijke ter plaatse
• Een concrete beschrijving van de geplande activiteiten
• Een duidelijke afbakening van de doelgroep
• Een duidelijk tijdsschema voor voorbereiding, uitvoering en evaluatie
• Een duidelijke financiële raming en planning die de totale kost van het project onderschrijft alsook de specifieke zaken die met de subsidies zullen gefinancierd worden + een overzicht van de eventueel lopende of voorziene subsidieaanvragen voor hetzelfde project bij andere raden, overheden of instanties en eigen inbreng.
• Indien na de indiening van de aanvraag nieuwe of bijkomende elementen beschikbaar worden, zoals belangrijke wijzigingen aan de geplande activiteiten of aan de begroting, dient de aanvrager deze zo snel mogelijk mee te delen aan de Wereldraad.
De bevoegde werkgroep binnen de Wereldraad bekijkt de aanvragen en formuleert een voorstel ter advies aan de algemene vergadering van de Wereldraad. Het advies wordt doorgegeven aan het College van Burgemeester en Schepenen ter goedkeuring en uitbetaling. De uitbetaling dient te gebeuren tegen ten laatste 31 december van het aanvraagjaar.
4. Financiering:
Het totale beschikbare budget wordt als volgt verdeeld: Het budget wordt gelijk verdeeld tussen de verschillende aanvaarde projecten. Indien er bijvoorbeeld 3 aanvragen worden goedgekeurd, krijgen alle projecten een derde van het beschikbare budget. Indien dit er bijvoorbeeld 5 zijn, krijgen alle projecten een vijfde van het beschikbare budget.
5. Kwaliteitscriteria:
Elke projectaanvraag wordt door de algemene vergadering van de Wereldraad, op voorstel van de bevoegde werkgroep, beoordeeld op 10 verschillende bevragende criteria, op dewelke steeds een positief of een negatief antwoord gegeven wordt. Een projectaanvraag moet minstens aan 7 van deze criteria voldoen om gekozen te worden. Let wel: de eerste 2 criteria zijn uitsluitend. Als aan 1 van beide of aan allebei niet voldaan wordt, kan het project, zelfs met een score boven de 7 op 10, niet in aanmerking worden genomen.
Criteria:
1. Is de aanvrager van het project een persoon gedomicilieerd in Anzegem of een organisatie met maatschappelijke zetel in Anzegem? (Uitsluitend criterium)
2. Scoort het land waarvoor het project wordt ingediend lager dan 0,800 op de HDI index van de Verenigde Naties? (Uitsluitend criterium)
3. Is de aanvrager van het project nauw betrokken? Wordt het project regelmatig opgevolgd door de aanvrager en op welke manier?
4. Is het project een kleinschalig project met betrokkenheid van lokale partners en kunnen deze ter plaatse geïdentificeerd worden?
5. Is er een duidelijk omschreven doelgroep met een specifieke nood omschreven?
6. Worden de doelstellingen duidelijk geformuleerd in de projectaanvraag? Wordt er aangegeven welke activiteiten er nodig zijn om de gewenste resultaten te bereiken?
7. Is er een duidelijk budget en een financieringsplan dat de beoogde middelen afweegt tegen de beoogde resultaten?
8. Heeft het project een positieve socio-economische en/of ecologische impact op korte of lange termijn?
9. Wordt het betoelaagde deel van het project binnen een vooraf bepaalde tijdsspanne gerealiseerd?
10. Kan de continuïteit van het project lokaal gewaarborgd worden?
6. Jaarlijkse opvolging
Jaarlijks wordt een beknopt verslag bezorgd aan de Wereldraad. Dit verslag bevat voldoende informatie over het verloop van het project en beantwoordt aan de verschillende onderdelen van de beoordelingscriteria. Een beknopt financieel verslag wordt toegevoegd met bewijs van storting aan de lokale organisatie(s) en met een overzicht van de besteding van de subsidie in overeenstemming met de beoogde doelstellingen. In september is er een mondelinge rapportage aan de Wereldraad over de uitrol van de gesubsidieerde projecten.
Opmerkingen en/of vaststellingen vanuit de rapportage of de evaluatie ervan kunnen meespelen in de beoordeling van een volgende aanvraag van een bepaalde initiatiefnemer. In het kader van een regelmatige rapportering over de stand van zaken van een goedgekeurd project, wordt op afroep ook de aanwezigheid van de aanvrager gevraagd op de samenkomsten van de algemene vergadering van de Wereldraad
Art. 3: Kennis te geven van dit besluit aan de toezichthoudende overheid volgens de regels vervat in het Decreet Lokaal Bestuur.
Tijdens de vorige raad werd kennis genomen van het jaarverslag archivering intergemeentelijke samenwerkingsverband. Deze samenwerking via de Interlokale Vereniging voor Informatie- en Archiefbeheer Wevelgem-Anzegem-Avelgem werd positief geëvalueerd. Bijgevolg wordt voorgesteld de samenwerking tussen de drie besturen te verlengen. De colleges van burgemeester en schepenen van de drie besturen stemden eerder al principieel in met een verlenging voor 2 jaar voor de periode 1 februari 2027 tot 31 december 2028.
De eerste samenwerkingsperiode van 2 jaar werd ondersteund met een provinciale subsidie die voorzag in de helft van de wedde van de intergemeentelijke informatiebeheerder. Deze eerste periode loopt/liep van 13 februari 2025 tot 31 januari 2027. De volgende periode van samenwerking zal niet langer met een West-Vlaamse subsidie zijn.
Het beheerscomité stelt voor aan de gemeenteraden de intergemeentelijke samenwerking rond informatiebeheer verder te zetten voor de voornoemde periode en volgens de bijgevoegde samenwerkingsovereenkomst.
In bijlage zit een loonkostenraming van de informatiebeheerder, opgemaakt door de personeelsdienst van Wevelgem.
Deze raming schat de kosten voor de komende twee jaar (1 februari 2027 - 31 december 2028) in op 42.791,72 euro per bestuur (zonder vergoedingen of opleidingskosten). De totale kost voor de voornoemde periode zal dus ca. 45.000 euro bedragen (voor 2 jaar).
Voldoende krediet is in 2027 en 2028 voorzien op de jaarbudgetrekening GBB_IO/0119-01/6430000/GEMEENTE/CBS/IP-GEEN om de jaarlijkse kosten van ongeveer 22.500 euro te dragen.
Decreet lokaal bestuur, in het bijzonder artikel 393.
Raadsbesluit van 11 februari 2025 inzake Samenwerkingsovereenkomst stafmedewerker Informatie- en archiefbeheer in kader van regionale samenwerking informatie-archiefbeheer: goedkeuring.
Raadsbesluit van 9 juni 2026 inzake Jaarverslag archivering intergemeentelijke samenwerkingsverband: Kennisname.
Collegebesluit van 28 mei 2026 inzake Evaluatie intergemeentelijke samenwerking Informatiebeheer Wevelgem-Anzegem-Avelgem
Art.1: De verlenging van de samenwerking rond informatiebeheer tussen gemeenten Wevelgem, Anzegem en Avelgem goed via de Interlokale Vereniging voor Informatie- en Archiefbeheer Wevelgem-Anzegem-Avelgem zoals opgenomen in de samenwerkingsovereenkomst in bijlage.
Art.2: De tweede samenwerkingsperiode loopt van 1 februari 2027 tot 31 december 2028.
Met het oog op de uitvoering van het BOA-decreet besliste het lokaal bestuur om het lokaal samenwerkingsverband te integreren binnen de adviesraad. Door te werken met verschillende themagroepen is het mogelijk om een dynamische wisselwerking te installeren tussen adviesgroep en themagroepen.
De wijzigingen in de werking en samenstelling van de adviesgroep hebben als gevolg dat een aanpassing van de statuten en het huishoudelijk reglement van het LOK noodzakelijk is.
De wijzigingen betreffen een aanvulling van het lokaal samenwerkingsverband, met name de toevoeging van het decreet, evenals een aanpassing van de doelstellingen en opdrachten van het LOK. Daarnaast werd gekozen voor een duidelijkere formulering van de verschillende groepen: waar het LOK voorheen werkte met specialisatiegroepen, wordt voortaan gewerkt met themagroepen. De aangepaste statuten en het huishoudelijk reglement zijn raadpleegbaar in bijlage.
De adviesraad LOK heeft deze wijzigingen reeds goedgekeurd tijdens de vergadering van de adviesgroep op 2 juni 2026.
Niet van toepassing
Het besluit van de Vlaamse Regering houdende het lokaal beleid kinderopvang van 24 mei 2013 ;
Het decreet houdende de organisatie van buitenschoolse opvang en de afstemming tussen buitenschoolse activiteiten van 3 mei 2019;
Raadsbesluit van 12 maart 2019 houdende heroprichting gemeentelijke adviesraden & bekrachtiging van de respectieve statuten.
Raadsbesluit van 13 mei 2025 inzake (Her)oprichting gemeentelijke adviesraden (met name: lokaal overleg cultuur en bibliotheek, jeugd- en sportraad, evenals seniorenraad, gezins-en welzijnsraad, wereldraad, en lokaal overleg kinderopvang): goedkeuring en (her) bekrachtiging van de respectieve statuten.
Art.1: neemt akte van het gewijzigde huishoudelijk reglement van het LOK zoals opgenomen in bijlage.
Art.2: keurt de wijzigingen in de statuten van het LOK goed als volgt:
Statuten Lokaal Overleg Kinderopvang
Gelet op het besluit van de Vlaamse Regering houdende het lokaal beleid kinderopvang van 24 mei 2013 ;
Gelet op de gemeenteraadsbeslissing van heden houdende de erkenning van het Lokaal Overleg Kinderopvang (LOK) als gemeentelijk adviesorgaan ;
Overwegende dat er voor de goede werking van het Lokaal Overleg Kinderopvang statuten dienen opgesteld te worden;
Gelet op het decreet houdende de organisatie van buitenschoolse opvang en de afstemming tussen buitenschoolse activiteiten van 03 mei 2019
Gelet op het gunstig advies van het Lokaal Overleg Kinderopvang dd. 23 april 2025;
Beslist,
Artikel 1. Oprichting
Het Lokaal Overleg Kinderopvang is een gemeentelijke adviesraad. Met de oprichting van deze gemeentelijke adviesraad geeft het gemeentebestuur uitvoering aan de bepalingen uit het besluit van de Vlaamse Regering van 24 mei 2013 houdende het lokaal beleid kinderopvang.
Bij de uitvoering moet rekening gehouden worden met de voorwaarden van het decreet houdende de organisatie van buitenschoolse opvang en de afstemming tussen buitenschoolse activiteiten van 03 mei 2019
Artikel 2. Doelstelling en opdrachten
Het Lokaal Overleg Kinderopvang heeft als doel het gemeentebestuur te adviseren over het kinderopvanggebeuren, zowel voorschools als buitenschools, vakanties en aanbod, in de gemeente waarbij gestreefd wordt naar de uitbouw van een kwalitatieve en toegankelijke kinderopvang in de gemeente in onderlinge samenwerking met de diverse actoren.
Het Lokaal Overleg Kinderopvang heeft volgende opdrachten :
- Verplicht advies geven over de beleidsdoelstellingen over kinderopvang.
- Het lokaal bestuur adviseren over beleidskeuzes die invloed kunnen hebben op kinderopvang. Ook lokale actoren kunnen het advies vragen van het Lokaal Overleg Kinderopvang inzake kinderopvang.
- Signaalfunctie opnemen.
- Met betrekking tot de uitvoering van het meerjarenplan heeft het Lokaal Overleg Kinderopvang een opdracht inzake beleidsuitvoering en –opvolging en bewaakt het de dwarsverbindingen uit aanverwante beleidsdomeinen.
- Het lokaal bestuur adviseren inzake de uitbouw van opvangvoorzieningen binnen de gemeente. Het Lokaal Overleg Kinderopvang kan ook aan het lokaal bestuur vragen om Opgroeien te informeren en te adviseren omtrent de uitbouw van de opvangvoorzieningen in de gemeente.
- Het Lokaal Overleg Kinderopvang heeft ook als opdracht de bevolking te informeren over het bestaande kinderopvangaanbod.
- Vanuit het Lokaal Overleg Kinderopvang wordt het Lokaal Samenwerkingsverband opgenomen die volgende opdrachten opneemt volgens Opgroeien:
Het lokaal bestuur kan het Lokaal Overleg Kinderopvang bijkomende opdrachten geven binnen de context van kinderopvang.
Artikel 3. Samenstelling
Structuur
Het Lokaal Overleg Kinderopvang is als volgt gestructureerd :
- Adviesgroep
- Themagroep voorschools
- Themagroep BOA
- LOK aanbod
- Elke themagroep kan werkgroepen opzetten
Samenstelling
De adviesgroep Lokaal Overleg Kinderopvang is samengesteld uit stemgerechtigde en niet-stemgerechtigde leden. GR- en OCMW raadsleden en leden BCSD kunnen geen stemgerechtigd lid zijn van het Lokaal Overleg Kinderopvang.
De adviesgroep Lokaal Overleg Kinderopvang wordt als volgt samengesteld :
Stemgerechtigde leden :
- Een vertegenwoordiging van de lokale actoren, waaronder iedereen die een rol speelt in de opvang van kinderen in Anzegem en in de organisatie van hun vrije tijd, zolang ze naar de basisschool gaan
- Een vertegenwoordiging van gebruikers
- Een voorzitter die geen binding heeft met een vrijetijds- of opvanginitiatief
Om stemgerechtigd lid te zijn van het Lokaal Overleg Kinderopvang moet:
- Hij/zij behoren tot een van de bovenstaand beschreven groepen
- Hij/zij geregistreerd zijn als lid van het Lokaal Overleg Kinderopvang
- Hij/zij geen lid zijn van de gemeente – of OCMW-raad of van het BCSD
Niet-stemgerechtigde leden :
- Een vertegenwoordiging van het lokaal bestuur zijnde de schepen bevoegd voor kinderopvang
- Een afgevaardigde van Opgroeien
- Een ambtenaar van de gemeentelijke cluster Vrije Tijd die instaat voor de logistieke ondersteuning en van rechtswege als secretaris fungeert
- De ambtenaar van cluster Vrije Tijd die instaat voor de regie BOA
- GR- en OCMW raadsleden en leden BCSD
- Deskundige die voor één of meerdere vergaderingen wordt uitgenodigd
2. De themagroepen
De themagroepen zijn samengesteld uit niet stemgerechtigde leden, bestaande uit gebruikers, ouders en vertegenwoordiging van lokale actoren. Zij moeten niet geregistreerd zijn als lid van het Lokaal Overleg Kinderopvang en worden bij elke bijeenkomst uitgenodigd.
3. LOK aanbod
Het LOK aanbod bevat een aanbod in functie van de doelgroep. Dit aanbod wordt openbaar gemaakt en er kan worden deelgenomen door verschillende doelgroepen.
Het Lokaal Overleg Kinderopvang maakt een huishoudelijk reglement op waarin minstens de volgende elementen worden opgenomen :
- de samenstelling
- de manier waarop de voorzitter wordt gekozen
- de dagelijkse werking van de verschillende groepen
- de besluitvorming
Het huishoudelijk reglement wordt voor aktename aan het gemeentebestuur overgemaakt.
Het Lokaal Overleg Kinderopvang volgt de afsprakennota die voor alle gemeentelijke adviesraden geldt met betrekking tot afspraken over adviesverlening, termijnen voor adviezen en andere richtlijnen.
Het BOA-decreet (Decreet Buitenschoolse Opvang en Activiteiten) verplicht lokale besturen om een lokaal samenwerkingsverband (LSV) te organiseren dat advies verleent en samenwerking stimuleert.
Het LSV is geen formele adviesraad, maar heeft wel een duidelijke advies- en signaalfunctie richting het lokaal bestuur.
Het lokaal bestuur heeft autonomie in de samenstelling en organisatie van dit samenwerkingsverband.
Er is een duidelijke overlap tussen het LSV en het bestaande LOK, onder meer qua doelgroep en betrokken partners.
Het integreren van het LSV binnen het LOK biedt voordelen op vlak van efficiëntie, informatiedoorstroming en het vermijden van bijkomende overlegstructuren.
Bij deze integratie dienen aanpassingen aan de statuten en het huishoudelijk reglement van het LOK te worden voorzien en moet blijvende aandacht gaan naar participatie van partners en ouders.
Binnen de voorgestelde werking voor Anzegem wordt gewerkt met thematische BOA-werkgroepen, die inhoudelijk als volgt worden vormgegeven:
Werkgroep opvang
Het LOK adviseerde positief de aanpak van integratie van het LSV in het LOK en met uitbreiding de thematische werkgroepen.
Decreet houdende de organisatie van buitenschoolse opvang en de afstemming tussen buitenschoolse activiteiten dd. 03/05/2019
Besluit van de Vlaamse Regering over het lokaal beleid, de samenwerking en de subsidie voor buitenschoolse opvang en activiteiten dd. 09/07/2021
Conceptnota Decreet buitenschoolse opvang en activiteiten (BOA) dd. 28/02/2025
Besluit raad dd 12 maart 2019 houdende heroprichting gemeentelijke adviesraden & bekrachtiging van de respectieve statuten.
Besluit raad van 13 mei 2025 (her)oprichting gemeentelijke adviesraden (met name: lokaal overleg cultuur en bibliotheek, jeugd- en sportraad, evenals seniorenraad, gezins-en welzijnsraad, wereldraad, en lokaal overleg kinderopvang): goedkeuring en (her)bekrachtiging van de respectieve statuten.
Raadsbesluit van heden inzake Goedkeuring wijzigingen statuten LOK - Aktename wijziging huishoudelijk reglement LOK.
Art. 1: Kennis te nemen van het positief advies van het LOK.
Art. 2: De organisatie van het lokaal samenwerkingsverband BOA goed te keuren.
Art. 3: Het lokaal samenwerkingsverband (LSV) te integreren in het bestaande Lokaal Overleg Kinderopvang (LOK).
Art. 4: Binnen het LOK te werken met thematische BOA-werkgroepen rond:
gericht op respectievelijk de afstemming van opvang, het vrijetijdsaanbod en de noden en betrokkenheid van ouders.
Art.5: Afschrift te bezorgen aan de cluster Vrije Tijd en dienst BKO.
In het kader van het BOA-decreet (Decreet Buitenschoolse Opvang en Activiteiten) en de uitwerking van een lokaal BOA-beleid werd een lokale BOA-visie ontwikkeld.
Onder begeleiding van Coaster Consulting werd een overlegmoment georganiseerd met de betrokken diensthoofden van de afdeling Vrije Tijd. Tijdens dit overlegmoment werd gewerkt volgens een co-creatieve methodiek, met aandacht voor de afstemming tussen de beleidsdomeinen kinderopvang, jeugd, sport en cultuur. Dit overleg resulteerde in inhoudelijke bouwstenen voor de BOA-visie, met name het hoger doel, de kernkwaliteiten, de kernwaarden en het gewaagd doel richting 2031. Deze elementen vormen samen de basis voor een gedragen en geïntegreerde BOA-visie voor de gemeente Anzegem.
Tijdens de adviesgroep LOK van 2 juni 2026 werd de BOA-visie toegelicht. De adviesgroep bracht een positief advies uit en formuleerde geen opmerkingen.
Na de adviesgroep ontvingen de leden het document via e-mail en kregen zij tot en met 10 juni 2026 de tijd om bijkomende opmerkingen te formuleren. Er werden geen bijkomende opmerkingen ontvangen.
Decreet houdende de organisatie van buitenschoolse opvang en de afstemming tussen buitenschoolse activiteiten dd. 03/05/2019
Besluit van de Vlaamse Regering over het lokaal beleid, de samenwerking en de subsidie voor buitenschoolse opvang en activiteiten dd. 09/07/2021
Conceptnota Decreet buitenschoolse opvang en activiteiten (BOA) dd. 28/02/2025
Collegebesluit van 21 mei 2026 inzake Principiële beslissing inzake organisatie opvang.
Art.1: de voorliggende BOA-visie goed te keuren zoals uitgewerkt onder begeleiding van Coaster en in samenwerking met de diensthoofden van Vrije Tijd:
Uitgewerkte Visie BOA Anzegem:
Visie BOA Anzegem
De gemeente Anzegem kiest bewust voor een sterk en samenhangend buitenschools aanbod waarin elk kind kansen krijgt om te groeien, te ontdekken en gelukkig te zijn. BOA is voor Anzegem meer dan een decretale opdracht: het is een hefboom om gezinnen te ondersteunen, kinderen te laten proeven van vrije tijd en partners te verbinden in één logisch geheel.
We bouwen aan een overzichtelijk, toegankelijk en divers aanbod, waarin elk kind – los van context, achtergrond of mogelijkheden – kan instappen en stap voor stap zijn talenten kan ontdekken. Zo draagt BOA bij aan een gelukkige kindertijd, versterkt het de work-life balance van gezinnen en positioneert het Anzegem als een warme en kindvriendelijke gemeente.
Kijk op opvang
De buitenschoolse opvang en activiteiten in Anzegem vormen samen één duidelijk gestructureerd geheel. BOA is een veilige, warme en uitnodigende omgeving waar kinderen voor en na school, op woensdagen en tijdens vakanties terechtkunnen om te spelen, te rusten, te ontdekken en zich te ontplooien.
We zien BOA als een trap naar vrije tijd. Kinderen maken op een laagdrempelige manier kennis met sport, cultuur en andere activiteiten en groeien op hun eigen tempo door naar vrijetijdsparticipatie die bij hen past. Verwondering, keuzevrijheid en plezier staan centraal; kinderen mogen proeven en experimenteren, zonder druk of competitie.
Kernwaarden
Sterktes van BOA Anzegem
Anzegem beschikt over een ruim, divers en kwalitatief aanbod voor kinderen van 2.5 tot 12 jaar, met een sterke afstemming tussen opvang en vrije tijd. De gemeente onderscheidt zich door goede samenwerking tussen gemeentelijke en niet-gemeentelijke partners, een duidelijke communicatie en inschrijvingsstructuur, en enthousiaste medewerkers en vrijwilligers. Het aanbod is betaalbaar, lokaal verankerd en versterkt door samenwerking met omliggende gemeenten, wat zorgt voor een brede deelname en positieve ervaringen bij gezinnen.
Ambitie voor 2031
In 2031 is BOA Anzegem een duidelijk gestructureerd, toegankelijk en gedragen geheel, waarin opvang en vrije tijd naadloos op elkaar aansluiten.
Art.2: Afschrift te bezorgen aan de cluster Vrije Tijd en dienst Kinderopvang.
Het decreet Buitenschoolse Opvang en Activiteiten (BOA) kent aan lokale besturen een regierol toe in de uitbouw van een kwaliteitsvol en toegankelijk buitenschools aanbod. Het is aangewezen dat het lokaal bestuur een duidelijk en transparant kader vastlegt voor de erkenning van opvanginitiatieven op zijn grondgebied, conform de decretale verplichtingen.
Een lokaal erkenningskader draagt bij aan de realisatie van een geïntegreerd aanbod van buitenschoolse opvang en activiteiten en geeft uitvoering aan de lokale BOA-visie. Er bestaat een nood aan duidelijke kwaliteitsvoorwaarden en objectieve criteria om opvanginitiatieven te erkennen en op te volgen.
De lokale BOA-visie werd eerder vastgelegd en vormt de inhoudelijke basis voor het erkenningskader.
Het voorliggende “Lokaal erkenningskader BOA Anzegem” biedt een uitgewerkt en onderbouwd instrument om erkenningen toe te kennen, te monitoren en indien nodig, in te trekken.
Het erkenningskader kwam tot stand in overleg met de betrokken medewerkers en diensten en houdt rekening met de lokale context en noden.
Tijdens de adviesgroep van 2 juni 2026 werd het erkenningskader toegelicht. Er werd uitgebreid stilgestaan bij elk domein en er was ruimte voor vragen. Vanuit de adviesgroep werden verschillende vragen en bezorgdheden geformuleerd, die opgenomen zijn in het verslag van de adviesgroep van 2 juni 2026. De adviesgroep verleende een positief advies en formuleerde geen opmerkingen. Na de adviesgroep ontvingen de leden het document via mail en kregen zij tot 10 juni 2026 de tijd om bijkomende opmerkingen door te geven. Er werden geen bijkomende opmerkingen ontvangen.
De goedkeuring van dit kader maakt het mogelijk om vanaf 1 september 2026 op een gestructureerde en kwaliteitsvolle manier erkenningen toe te kennen aan opvanginitiatieven.
Het integraal “Lokaal erkenningskader BOA Anzegem” (9 pagina’s) wordt als bijlage toegevoegd en maakt integraal deel uit van deze beslissing.
BOA-middelen
2026: € 395.925,48
vanaf 2027 jaarlijkse BOA-subsidie: € 413.849,53
Decreet houdende de organisatie van buitenschoolse opvang en de afstemming tussen buitenschoolse activiteiten dd. 3 mei 2019
Besluit van de Vlaamse Regering over het lokaal beleid, de samenwerking en de subsidie voor buitenschoolse opvang en activiteiten dd. 9 juli 2021
Conceptnota Decreet buitenschoolse opvang en activiteiten (BOA) dd. 28 februari 2025
Voorontwerp van wijzigingsdecreet buitenschoolse opvang en activiteiten (BOA): verlenging overgangstermijn en lokale erkenning opvangaanbod dd. 16 mei 2025
Art.1: Het “Lokaal erkenningskader BOA Anzegem”, zoals opgenomen in bijlage, goed te keuren.
Art. 2: Het treedt in werking op 1 september 2026 en blijft geldig tot en met 31 augustus 2031.
Art. 3: Het college van burgemeester en schepenen wordt belast met de uitvoering van dit besluit, waaronder de toekenning, opvolging en eventuele intrekking van erkenningen conform het kader.
Art.4: Afschrift te bezorgen aan de cluster Vrije Tijd en dienst BKO.
In het meerjarenplan 2026-2031 engageert Anzegem zich om een Nacht van Anzegem te organiseren.
Om deze huldiging op een transparante, objectieve en gedragen manier te organiseren, is een reglement noodzakelijk.
Met dit reglement beschikt Anzegem over een duidelijk en werkbaar kader om de Nacht van Anzegem duurzaam te verankeren als een warme en gedragen erkenning van wie Anzegem meemaakt.
Decreet Lokaal Bestuur
Art. 1 onderstaand reglement goed te keuren:
Reglement ‘Nacht van Anzegem’
Artikel 1 – Doel en opzet
Anzegem organiseert in 2027 voor het eerst de Nacht van Anzegem. Het is de bedoeling dat deze Nacht jaarlijks zal plaatsvinden.
Met dit evenement wil Anzegem - in samenwerking met de adviesraden - personen, groepen, ondernemingen of initiatieven huldigen die door hun inzet, prestaties of engagement een bijzondere meerwaarde betekenen voor Anzegem.
Dit reglement bepaalt:
Artikel 2 – Categorieën
Binnen de Nacht van Anzegem worden volgende categorieën onderscheiden:
maximaal twee laureaten
maximaal twee laureaten
maximaal twee laureaten:
maximaal drie laureaten (personen of groepen)
Artikel 3 – Definities
Artikel 4 – Doelgroep en deelnamevoorwaarden
§1 Algemene voorwaarden
Kandidaten moeten voldoen aan volgende voorwaarden:
§2 Specifieke voorwaarden per categorie
Sport
Binnen de categorie sport kunnen zowel individuele personen als ploegen voorgedragen worden.
In aanmerking komen:
Bij de beoordeling wordt rekening gehouden met:
Cultuur
Binnen de categorie cultuur kunnen zowel individuele personen, verenigingen, collectieven als initiatieven worden voorgedragen.
In aanmerking komen kandidaten die in het referentiejaar of over een langere periode een bijzondere culturele meerwaarde hebben betekend voor Anzegem door onder meer:
Bij de beoordeling wordt rekening gehouden met:
Ondernemer
De kandidaat:
Bij de beoordeling wordt rekening gehouden met onder meer:
Verdienstelijke Anzegemnaar
Deze categorie is bedoeld voor personen, groepen of initiatieven die door hun uitzonderlijke prestaties, engagement, innovatie of maatschappelijke inzet een bijzondere en positieve bijdrage leveren aan de uitstraling, leefbaarheid en verbondenheid van Anzegem.
De erkenning richt zich op kandidaten die zich onderscheiden door een duurzame inzet en een aantoonbare impact op de gemeente en haar inwoners, onder meer op vlak van:
Deze categorie biedt ruimte aan kandidaten die niet uitsluitend binnen één domein te plaatsen zijn en die, eventueel over meerdere sectoren heen, een bijzondere meerwaarde betekenen voor Anzegem.
Het kan zowel gaan om zichtbare prestaties als om stille krachten: personen of groepen die zich langdurig en belangeloos inzetten voor de gemeenschap, zonder erkenning na te streven.
Artikel 5 – Procedure
§1 Oproep en kandidaatstelling
De oproep tot kandidaatstelling wordt gepubliceerd in augustus en september via:
Voorwaarden:
§2 Longlist en shortlist
Indien onvoldoende waardevolle kandidaturen worden ingediend, kan beslist worden een kortere of geen shortlist op te maken en dus geen laureaat toe te kennen binnen een categorie.
§3 Stemming
Na bekendmaking van de shortlist volgt een stemronde:
De stemperiode loopt van 1 tot en met 31 december.
Per categorie worden de laureaten bepaald op basis van het gecombineerde resultaat.
Artikel 6 – Bekendmaking en uitreiking
Artikel 7 – Toezicht en onvoorziene gevallen
Artikel 8 – Geschillen en publicatie
Door deelname aanvaardt elke deelnemer dit reglement en de beslissingen van gemeente Anzegem.
Winnaars gaan akkoord met publicatie van hun naam en beeldmateriaal via de communicatiekanalen van gemeente Anzegem.
Art. 2: Dit reglement wordt bekendgemaakt via de gemeentelijke website en een vermelding in het infoblad.
Art. 3: Kennis te geven van dit besluit aan de toezichthoudende overheid volgens de regels vervat in het Decreet Lokaal Bestuur.
Conform het huishoudelijk reglement wordt de mogelijkheid geboden om schriftelijk en mondeling vragen te stellen. Mondelinge vragen worden - zo mogelijk - onmiddellijk beantwoord of uiterlijk schriftelijk tegen de eerstvolgende zitting. Op schriftelijke vragen van raadsleden wordt binnen de maand na ontvangst schriftelijk geantwoord. De vragen en de eventuele antwoorden net als de mededelingen worden opgenomen in het zittingsverslag.
De voorzitter sluit de zitting op 07/07/2026 om 21:20.
Aansluitend op de openbare vergadering kan ook een gesloten gedeelte volgen. Deze is helaas niet toegankelijk voor het publiek.
Namens Gemeenteraad,
Elisabeth Wiels
Algemeen directeur
Jeremie Vaneeckhout
Voorzitter